| Wachten op zorg duurt altijd te lang. Opvallend is dat binnen de wachtlijsten patiënten met de meeste klachten doorgaans niet eerder aan de beurt zijn, dan degenen met minder klachten. Prioritering van de zorg op basis van de ernst van de klachten, zou deels een oplossing zijn en de wachtlijsten in de zorg meer aanvaardbaard maken. De huidige landelijke wachttijdnormen zouden hiermee ook beter rekening moeten houden. Dit blijkt uit het proefschrift van Jurriaan Oudhof. Hij deed onderzoek naar de aanvaardbaarheid van wachtlijsten voor galsteen-, liesbreuk- en spataderoperaties, de langste wachtlijsten in de algemene chirurgie. De promovendus onderzocht met vragenlijsten de gevolgen van wachten bij patiënten. Aan de hand van deze bevindingen werden patiënten, chirurgen, huisartsen en bedrijfsartsen gevraagd welke wachttijden zij maximaal aanvaardbaar zouden vinden. De gevolgen van wachten verschilden duidelijk tussen patiënten. Een meerderheid ondervond geringe gevolgen, maar 17 tot 35 procent van de patiënten had aanzienlijke klachten tijdens het wachten. De klachten verergerden meestal niet, maar het ging wel om een lange periode met soms ernstige klachten. Als patiënten vroegtijdig op de hoogte waren gebracht van de operatiedatum, vonden zij het wachten duidelijk minder erg. Over de aanvaardbaarheid van wachttijden waren artsen en patiënten het opvallend vaak eens. Afhankelijk van de problemen bij een patiënt, werden wachttijden variërend van 2 tot 25 weken aanvaardbaar geacht. Een gedifferentieerde wachttijdnorm, is dus beter dan de huidige zogeheten Treeknormen, die een maximum van zeven weken voorschrijven voor alle patiënten. |