| Huisartsen spelen een centrale rol bij de zorg in de laatste levensfase, omdat de meeste mensen in Nederland bij voorkeur thuis overlijden. Sander Borgsteede deed daarnaar onderzoek bij 96 huisartsenpraktijken. Met enquêtes en interviews onder huisartsen en hun patiënten, bracht hij verschillende aspecten van de huisartsenzorg in kaart voor patiënten in de laatste levensfase. Zowel patiënten als huisartsen hechten groot belang aan de beschikbaarheid van de huisarts voor huisbezoeken (ook buiten kantooruren) en medische deskundigheid. Patiënten hebben graag een huisarts die hen aandacht geeft en die verleden en heden van de patiënt heeft meegemaakt. Ook samenwerking met andere zorgverleners wordt belangrijk gevonden. Huisartsen blijken gemiddeld met vier andere zorgverleners samen te werken, vaak zijn dit mantelzorgers en wijkverpleegkundigen. Daarnaast vonden huisartsen het moeilijk om het moment te bepalen om over euthanasie te beginnen: wie moet dit ter sprake brengen, zij of de patiënt? Pijn werd bij 73% van de patiënten behandeld met pijnstillers. Opvallend was dat bijna de helft van de patiënten met sterke pijnstillers géén laxeermiddel kreeg voorgeschreven, terwijl hier duidelijke richtlijnen voor zijn. De uitkomsten van dit onderzoek roepen vragen op over de kwaliteit van zorg in de toekomst en de centrale rol voor de huisarts hierbij. Het is de vraag of de zorg in de laatste levensfase zo kan blijven, wanneer huisartsen mogelijk meer parttime werken en minder tijd hebben voor huisbezoeken. Een maatschappelijke discussie over huisartsenzorg in de laatste levensfase is daarom gewenst: kwaliteit van zorg mag nooit onze laatste zorg zijn. |