| Op 13 mei 2000 werd de woonwijk rond de vuurwerkfabriek weggevaagd. Er waren 22 dodelijke slachtoffers waarvan 4 brandweerlieden. Meer dan 1000 bewoners moesten elders worden ondergebracht en waren in één klap al hun bezittingen kwijt. Een ramp van deze omvang maakt -ook op langere termijn- slachtoffers, zowel onder de bewoners als onder de hulpverleners (politie, brandweer, ambulance). Het onderzoek naar de vuurwerkramp in Enschede is gericht op het in kaart brengen van de lichamelijke en psychische gezondheid van de slachtoffers (zowel direct getroffenen als ingezette hulpverleners) via het beroep dat zij doen op hun huisarts, bedrijfsarts (afgesloten per 31/3/04) of op andere zorgverleners. Dit gebeurt onder de vlag van GGVE (Gezondheidsmonitoring Getroffenen Vuurwerkramp Enschede, zie: www.ggve.nl). De gegevens van de getroffenen worden vergeleken met die van niet-getroffen stadsgenoten en met een landelijke controlegroep. Bovendien wordt de gezondheid van de getroffenen vergeleken met die van henzelf voorafgaand an de ramp. Circa 40 Enschedese huisartsen (deelproject MOVE ), tientallen bedrijfsartsen en apothekers registreren daartoe, zorgvuldig geanonimiseerd, alle gegevens over klachten, aandoeningen en medicatie van hun patiënten. Daarnaast wordt informatie over de geestelijke gezondheid van getroffenen verzameld door Mediant Nazorg Vuurwerkramp. Het NIVEL analyseert deze gegevens en koppelt de verschillende bestanden. Daarbij wordt de gezondheid van mensen uit het getroffen gebied van een jaar voor de ramp vergeleken met die in de drie jaar volgend op de ramp. Ook worden getroffenen vergeleken met andere Enschedeërs en met een controlegroep elders. Periodiek geeft het NIVEL de zorgverleners informatie over de stand van zaken naar aanleiding van de verzamelde gegevens (feedback). De informatie wordt bij de huisartsen verzameld door de Werkgroep Onderzoek Kwaliteit (WOK) van de Katholieke Universiteit Nijmegen. In de komende periode voorziet het werkplan in de afronding van de gegevensverzameling en, met name, in de verslaglegging. |