| In Nederland worden duizenden psychisch gestoorde delinquenten behandeld met als doel gedragsverandering. Het succes van de behandeling hangt mede af van de motivatie en inzet van de patiënt. Gedragverandering vergt inspanning en motivatie en daarom is het niet onbelangrijk om de behandelmotivatie en de -inzet van forensisch psychiatrische patiënten te kunnen meten. Daarvoor heeft psycholoog Klaus Drieschner twee meetinstrumenten ontwikkeld en getest: de Therapie Motivatie Schalen (TMS-F) en de Beoordelingslijst Inzet voor de Behandeling (BIB). Het onderzoek, waaraan elf behandelinstituten hebben meegewerkt, wijst uit dat beide instrumenten meten wat ze moeten meten, en met voldoende nauwkeurigheid. Veelal wordt verondersteld dat zelfrapportage vragenlijsten onbruikbaar zijn voor de forensische psychiatrie omdat patiënten zich daarmee sociaal wenselijk zouden presenteren. Analyses waarbij de TMS-F scores gecorrigeerd zijn voor de invloed van een sociaal wenselijke antwoordneiging tonen aan dat deze opvatting niet houdbaar is. |