KNAW

Onderzoek

Ethnic Differences in Antenatal Care Use, Quality of Care and Pregnancy Outcomes

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Ethnic Differences in Antenatal Care Use, Quality of Care and Pregnancy Outcomes
Looptijd 10 / 2002 - 05 / 2011
Status Afgesloten
Dissertatie Ja
Onderzoeknummer OND1293869
Leverancier gegevens Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO)

Samenvatting

n Nederland is veel te doen over de babysterfte in vergelijking met omliggende landen. Verklaringen worden gezocht in verschillende richtingen. Is er iets mis met de zorg, die in Nederland opvallend verschillend is van de omliggende landen? Of hebben zwangere vrouwen in Nederland kenmerken waardoor ze meer risico op slechte uitkomsten hebben, zoals o.a. hun etnische herkomst. Uit onderzoek blijkt namelijk dat de babysterfte hoger ligt onder allochtonen. Het proefschrift van Choté raakt beide verklaringen. Het werd uitgevoerd in het kader van het Generation R-onderzoek onder een groep van laag-risico zwangere vrouwen. Uit dit onderzoek blijkt dat allochtone vrouwen later naar de verloskundige gaan dan autochtone vrouwen. Dit wordt deels verklaard door hun sociaaleconomische achterstandspositie. Hoopvol is dat de situatie bij de tweede generatie allochtonen beduidend beter is. Ook hoopvol is dat de verloskundigen even goede technische zorg verlenen aan allochtone als aan autochtone vrouwen. In tegenstelling tot verwacht verklaart het later in de zwangerschap naar de verloskundige zorg gaan niet de slechtere uitkomsten van zwangerschapsduur of geboortegewicht. Hiermee sluit de studie van Choté aan bij eerder geuite twijfels in de Verenigde Staten. Op basis van het onderzoek mag echter niet geconcludeerd worden dat tijdige zorg niet belangrijk is, maar waarschijnlijk is zorg vóór de conceptie zeker zo belangrijk. Er zijn opvallende verschillen tussen etnische groepen. Dat de babysterfte onder Antilliaanse en Surinaamse kinderen beduidend hoger is dan onder Turkse en Marokkaanse kinderen was al bekend. Uit dit proefschrift en eerdere studies blijkt dat zij het ook slechter doen op het gebied van zwangerschapsduur bij bevalling en geboortegewicht. Ook de sociale situatie en de leefstijl van Antilliaanse en (vooral Creools-) Surinaamse vrouwen zijn minder gunstig. Nader onderzoek is wenselijk onder grotere en andere groepen allochtonen, en naar meer zwangerschapsuitkomsten. Toch is het verstandig om beleidsmatig nu al evenveel aandacht te besteden aan zwangeren met een Antilliaanse en Surinaams-Creoolse afkomst. Dat geldt ook voor vrouwen met een sub Sahara Afrikaanse afkomst, waarvan een onbekend aantal illegaal, en waar de babysterfte nog veel hoger ligt.

Samenvatting (EN)

W

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Classificatie

A73000 Eerstelijnsgezondheidszorg en tweedelijnsgezondheidszorg
A82200 Sociale integratie en sociale structuur
C40000 Vrouwenstudies
D24000 Gezondheidswetenschappen

Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie