| Het erfelijke materiaal van iedere cel in een organisme is opgeslagen in DNA in de vorm van genen. Deze liggen op chromosomen en vormen gezamenlijk het genoom. De informatie uit het DNA wordt vertaald naar RNA en vervolgens naar eiwitten, die complexe biologische systemen vormen. Toen complete genoomsequenties beschikbaar kwamen, leidde dat tot een grootschalige, parallelle ontwikkeling van andere terreinen: zoals het bepalen van veranderingen in mRNA-expressie, gendeletie fenotypes, locatie op chromosomen van DNA bindende eiwitten, locatie van eiwitten in de cel en eiwit-eiwit interacties. Patrick Kemmeren biedt in zijn proefschrift een aantal verbeteringen en suggesties voor het beheer en de normalisatie van dit soort gegevens, de integratie van verschillende typen genoom-brede collecties, rangschikking van biologische vraagstellingen en annotatie van de functie van genen. Hierdoor verbeteren de bruikbaarheid, efficiƫntie en precisie van deze gegevens. Ze kunnen effectiever worden toegepast voor het ontcijferen van complexe biologische systemen, om aangrijpingspunten voor medicijnen te identificeren of de functie van genen te voorspellen. |