| Het langdurende project omvat in de eerste plaats een beschrijving van de hooioogst van 1910 tot 1950 in Friesland, dat wil zeggen een beschrijving van het maaien, het hooien en hooiladen in het land, het naar de boerderij mennen van wagen vracht hooi of hooisleep en het varen van de hooipraam naar het erf, het optasten van het hooi thuis in hooivak, hooiberg of hooimijt en als laatste het bestrijden van hooibroei. Met de beschrijving wordt tegelijk de vaktaal vastgelegd. In de tweede plaats worden een aantal semantische en dialektologische vraagstukken behandeld. |