KNAW

Research

Cross-linguistic variation in object marking

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title Cross-linguistic variation in object marking
Period 03 / 2004 - 11 / 2007
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1300469
Data Supplier METIS Radboud Universiteit

Abstract

The markedness principle states that unmarked forms are used for unmarked meanings, while marked meanings are associated with marked forms. This subproject examines the consequences of this principle for the distribution, use, and interpretation of transitive constructions in a sample of languages. In measuring the markedness of transitive constructions, one important issue concerns the lack of compositionality of markedness. To a certain extent markedness will often be a property of the complex itself, dependent on its use and the context in which it occurs. The starting hypothesis of this project is therefore that the markedness of a transitive construction is more (or less!) than the sum of the markedness of its parts.

Abstract (NL)

Niet alle lijdende voorwerpen worden op dezelfde manier behandeld. Taalkundige Peter de Swart onderzocht hoe betekeniseigenschappen van het lijdend voorwerp van invloed zijn op hun vorm, zoals de naamval die ze krijgen. Bijzondere aandacht gaat uit naar de animacy: de levendheid van het lijdend voorwerp. In veel talen krijgen levende voorwerpen een andere naamval dan niet-levende voorwerpen. Dit lost de dubbelzinnigheid op van zinnen als De man ziet het meisje in talen waar woordvolgorde dat niet doet. Waar deze zin in het Nederlands maar op een manier gelezen kan worden (de man is degene die ziet) geldt dat niet voor talen met een vrijere woordvolgorde waarbij beide levende entiteiten zowel onderwerp als lijdend voorwerp kunnen zijn. Om te verzekeren dat een zin juist geïnterpreteerd wordt, zijn er talen die naamvallen gebruiken om expliciet aan te geven dat een levende entiteit de rol van lijdend voorwerp vervult. De Swart laat zien hoe dit naamvalsgebruik kan worden geanalyseerd als een optimalisatieproces waarbij de spreker het perspectief van de hoorder in beschouwing moet nemen om tot de juiste vorm van het lijdend voorwerp te komen.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. P.C. Muysken
Co-supervisor Prof.dr. H. de Hoop
Doctoral/PhD student Dr. P.J.F. de Swart

Classification

D36000 Language and literature studies

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation