KNAW

Onderzoek

Feelings of control and Adjustment to breast Cancer during the course of Treatment (FACT)

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Feelings of control and Adjustment to breast Cancer during the course of Treatment (FACT)
Looptijd 01 / 2004 - 12 / 2008
Status Afgesloten
Onderzoeknummer OND1301819
Leverancier gegevens Website NCG

Samenvatting

De diagnose borstkanker betekent voor de meeste vrouwen het begin van een zeer stressvolle en onzekere periode. Dit onderzoek richt zich op de invloed van de diagnose en de daaropvolgende behandelingen op gevoelens van angst en depressie en op de rol die een gevoel van controle over de gebeurtenissen in het leven daarbij speelt. Uit onderzoek is gebleken dat een gevoel van controle zowel in dagelijkse omstandigheden als in stressvolle situaties samenhangt met een hoger psychologisch welbevinden. Het gevoel van controle kan echter veranderen als gevolg van de confrontatie met situaties met weinig controlemogelijkheden, zoals de diagnose kanker. Dit onderzoek wil inzicht krijgen in de mechanismen die ten grondslag liggen aan behoud of verlies van een gevoel van controle. De rol van realistische en fatalistische inschattingen, illusies van controle en strategieën om gebrek aan controle te compenseren zullen worden onderzocht. Daarnaast richt het onderzoek zich op variabelen die de positieve relatie tussen controle en welbevinden kunnen verklaren. Zo zou het gevoel van controle van invloed kunnen zijn op de mate waarin de patiënte actief betrokken blijft in diverse rollen in het dagelijkse leven (ouder, partner, werknemer, patiënt). Ook zou het gevoel van controle van invloed kunnen zijn op de wijze waarop de patiënt de situatie en de eigen vaardigheden om met de situatie om te gaan inschat. Kennis over deze onderliggende processen is bruikbaar in de ontwikkeling van interventies gericht op behoud van een gevoel van controle. In de meeste onderzoeken naar de psychosociale gevolgen van kanker vullen patiënten op verschillende vaste tijdstippen na de diagnose vragenlijsten in. In het huidige onderzoek worden de vragenlijsten echter gekoppeld aan verschillende relevante momenten in het ziekteproces, namelijk voor de uitslag van de diagnostische tests (T0), na de diagnose (T1), na de operatie (T2), na eventueel aanvullende behandelingen (T3) en na de afronding van de behandeling (T4 en T5). Respondenten worden geworven in zes ziekenhuizen in Noord-Nederland, nog voor de diagnostische onderzoeken. Vrouwen met gunstige testuitslagen zullen deelnemen in de controlegroep; vrouwen met borstkanker in de patiëntengroep. Beide groepen vullen vragenlijsten in en de patiënten zullen tweemaal worden geïnterviewd: na de operatie en 2 maanden na afronding van de gehele behandeling. Het streven is om van 140 patiënten en van een tweemaal zo grote controlegroep de complete data te verzamelen.

Samenvatting (EN)

The diagnosis of cancer is considered a stressful and low-control situation, that evokes adaptational responses of the individual. However, the diagnosis of cancer entails other stressful events, such as treatments and their effects. While in many studies, these events together are viewed as contributing to the level of stress experienced by the patient, in the present study the various stressors will be specified, and both their specific impact and their cumulative impact on perceptions of control and psychological well-being will be examined. Perceived control, the beliefs that persons have that they are in control of their own life, is considered to be a key factor to an individual's well-being. In general, strong perceptions of control are related to a better adaptation to stressful circumstances. This has been established irrespective of the actual possibilities to exert control. However, control can change as a result of confrontation with a low-control situation. Indeed, cancer patients react to the diagnosis of cancer with decreased levels of control. Still, there are individual differences: patients can maintain high levels of control, they can adjust their levels of control to lower levels, or they maintain low levels of control. These different patterns can result from various mechanisms/processes (realistic appraisal, illusory control, compensation mechanisms; realistic adjustment, fatalistic adjustment). It is not clear whether the adaptive value of high levels of control holds true for all mechanisms. Systematic research examining prevalence and the adaptive value of these various mechanisms has not been carried out yet. In addition, it has not been examined properly to which extent cognitive and behavioural variables mediate the relation between control and well-being. RESEARCH QUESTIONS (1) Examining the course of psychological well-being, in relation to disease-related events during the disease process; (2) Examining changes in perceived personal control in cancer patients, in relation to disease-related events during the disease process; (3) Identifying mechanisms for maintenance and adjustment of control that are prevalent within cancer patients and exploring the role of the mechanisms in the adaptation to cancer, in terms of psychological well-being; (4) Examining the mediating effects of cognitive and behavioural strategies in the relation between perceptions of control and the adaptation to cancer. PLAN OF INVESTIGATION Newly diagnosed breast cancer patients (N = 140) who are treated curatively will be recruited from various hospitals in the northern part of the Netherlands. They will be followed during their treatment (before and after surgery, after completion of adjuvant treatments) and up to five months after final treatment (two assessment points). At all assessment points, they will fill in self-report questionnaires assessing their perceptions of control, their psychological well-being, their engagement in important social roles and illness perceptions. The aforementioned mechanisms will be identified by constructing control profiles on the basis of general perceptions of control, illusory perceptions of control (i.e. the belief that the course of disease is under one's control) and disease severity (as an indication of controllability of the disease). In addition, patients will be interviewed twice about the processes underlying these control profiles, during the treatment period and after final treatment. Our study will result in more in-depth knowledge about the role of control in the adaptation to cancer, that can be used in designing preventive psychosocial interventions directed towards the maintenance of control perceptions.

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Bovenliggende onderzoeksactiviteit(en)

Classificatie

A75000 Gezondheidsvoorlichting
A76000 Patiëntenzorg
D23120 Kanker
D23350 Psychiatrie, medische psychologie
D24000 Gezondheidswetenschappen

Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie