KNAW

Research

National landscapes: information and communication

Pagina-navigatie:


Update content


Title National landscapes: information and communication
Period 01 / 2005 - unknown
Status Completed
Research number OND1306523

Abstract (NL)

[Doel]:
LNV wil het beleid rond de Nationale Landschappen voorzien van een communicatie- en voorlichtingsstrategie en zoekt naar manieren om deze vorm te geven. LNV legt de regierol bij het beleid voor de nationale landschappen bij de provincies. Daarnaast zijn ook gemeenten en waterschappen belangrijk voor de verdere vormgeving van het beleid en het is een vraag voor LNV of gemeenten en waterschappen een doelgroep zijn van communicatie door het Rijk over de nationale landschappen. De startconferentie in Edam (zie verslag in bijlage 2) is ook door gemeenten en waterschappen goed bezocht, zodat aangenomen kan worden dat bij deze groepen waarschijnlijk ook een behoefte aan info aanwezig is. Niet duidelijk is echter of deze groepen geïnteresseerd zijn in informatie over het algemene concept van NL of meer gebiedgerichte informatie willen.
Het onderzoek kent de volgende onderzoeksvragen; ze hebben betrekking op gemeenten en waterschappen:
- Welke beelden (visies) hebben ze bij het Nationale Landschap?
- Welke rol zien ze voor zichzelf weggelegd in het Nationale Landschap?
- Hebben ze een informatiebehoefte t.a.v. het Nationale Landschap?Zo ja op welke terreinen? Van wie (de provincie of het Rijk, of anderen) willen ze deze informatie ontvangen?
- Welke aanbevelingen komen hieruit voort voor het Rijk ten aanzien van de communicatie en voorlichting over Nationale Landschappen?
[Doel]:
- Inventariseren van de wensen van gemeenten en waterschappen tav van communicatie en voorlichting over Nationale Landschappen, gegeven hun visies en beelden bij de Nationale Landschappen (denk hierbij aan items als bestuurlijke vernieuwing (verticaal, dwz verschuiving van verantwoordelijkheden tussen Rijk, provincies en gemeenten, en horizontaal, dwz samenwerking met verschillende actoren met het oog op een doel), ontwikkelen met kwaliteit (het landschap moet positief ontwikkeld worden) en draagvlakontwikkeling).
- Aanbevelingen voor de communicatie en voorlichting van LNV naar gemeenten en waterschappen van ten aanzien het beleid rond de Nationale Landschappen.
[Werkwijze]:
We onderscheiden de volgende fasen in het onderzoek:
- Voorbereiding met LNV;. Nader formuleren behoefte en vragen van LNV; vertaling in onderzoeksvragen. Resultaat: het plan van aanpak.
- Theoretisch Kader: welke rollen kan communicatie door LNV vervullen in het beleid rond de NL? Formuleren van een analyse kader met behulp van de theorie over communicatie van overheden over beleid. Dit kader gebruiken in andere fasen en zonodig aanscherpen. Vormt de theoretische basis voor de interviews en voor de aanbevelingen. Resultaat: geeft kader voor het onderzoek.
- Oriëntatie op communicatie en voorlichting over Nationale Landschappen. Oriëntatie op de NL als beleidsthema en de rol van verschillende overheden en anderen daarin tot nu toe. Communicatie erover nagaan? Hierbij waar mogelijk ook verbanden leggen met communicatie over gebiedsgericht beleid, WCL beleid, Belvedere beleid en de nationale parken (zoals de Drentse AA). Wat is de rol van het Rijk (geweest), met name op communicatie- en voorlichtingsgebied? Idem voor andere overheden? Welke wensen hebben vertegenwoordigers van verschillende actoren (overheid, bewoners, bezoekers) in Den Haag over de communicatie rond de Nationale Landschappen? Een rondje in Den Haag met betrokkenen bij (het vorige en het nieuwe) beleid rond de NL bij overheden (IPO, VNG en UvW als betrokken overheden hoort hier ook bij. Gesprekken en analyse van de gesprekken. Resultaat:Gespreksverslagen; plaatsen van de gesprekken in het theoretisch kader. Geeft ook inzicht in wat er in de verschillende landschappen land voor reacties te verwachten zijn.
- Case studie van (maximaal) zes landschappen. Case studies bij gemeenten en waterschappen in de (maximaal) 6 geselecteerde Nationale landschappen, aan de hand van interviews met gemeenten, waterschappen, de provincie. De onderzoeksvragen zijn hierbij de invalshoek, samen met het theoretisch kader. Van belang in de benadering is een gesprek met de betreffende provincies, voorafgaand aan de gesprekken in het landschap zelf. Dit om na te gaan (1) hoe provincies tegen onze project en gesprekken aankijken en (2) om na te gaan of provincies zelf al communicatie- en voorlichtingsacties op stapel hebben staan. In de planning gaan we uit van gemiddeld 6 gesprekken per Nationaal Landschap (provincie, gemeenten, waterschap, LNV-DR), in totaal dus zo n 36 gesprekken. Bij de selectie van de landschappen nemen we een aantal overwegingen mee: a. Uit de analyse van Koomen (2005), het interview met hem en ook andere bronnen (Artikelen Boerderij) blijkt dat er veel verschillen tussen de landschappen zijn qua ideevorming, visieontwikkeling, samenwerking en projectontwikkeling (financiering) inzake de NL. Deze verschillen hangen zeker samen met de beleidsgeschiedenis van het gebied: Een deel van de nationale landschappen was vroeger een Waardevol Cultuur Landschap (WCL) of een Belvedere gebied. Het is mogelijk rijp en groen te onderscheiden (Laag Holland vs Middag Humsterland). Veronderstelling hierbij is dat communicatie en voorlichting door LNV naar de rijpere gebieden anders zou kunnen verlopen dan naar de groene gebieden. Er kan sprake zijn van leereffecten in communicatie naar de groenere gebieden, op basis van ervaringen in de rijpere gebieden. b. We kunnen ook de typologie van de landschappen als uitgangspunt nemen. De RLG geeft in haar advies een voorbeeld van een indeling (Waardevolle cultuurlandschappen (met daarbinnen agrarische cultuurlandschappen en liefhebberslandschappen) en Natuurlandschappen) en koppelt deze aan de aard van de opgave voor het betreffende landschap (beheersen cq inrichten) (RLG, 2005). Veronderstelling hierbij is dat deze indelingen (typologie) ieder een verschillende communicatie cq voorlichting van het Rijk vragen. Afsluiting met een synthese van de zes cases en het formuleren van de aanbevelingen.
- Rapportage. We schrijven een LEI rapport.Verder komen alle gespreksverslagen integraal voor de opdrachtgever beschikbaar. Deze zullen niet in het LEI-rapport worden opgenomen, maar hiervan verschijnt een vensterrapportage, met een bundeling van de gesprekken per landschap.
- Presentaties, Klankbordgroep, Nazorg. We stellen voor dit onderzoek te laten begeleiden door een klankbordgroep. Deze wordt samengesteld uit de leden van communicatiewerkgroep Nationale landschappen (VROM, LNV-DN, LNV-DP, LNV-DR, LNV-DV). Tevens worden vertegenwoordigers van de VNG (gemeenten), IPO (Provincies) en de UvW uitgenodigd hierin deel te nemen. In ieder geval wordt een bijeenkomst met de provinciale coordinatoren van de Nationale Landschappen (te houden in juni 2005) bijgewoond.
[Resultaten]:
Dit onderzoek levert aanbevelingen op aan LNV ten aanzien van ter ondersteuning van de communicatie rond Nationale Landschappen richting gemeenten en waterschappen. Deze aanbevelingen bevatten de essentiële elementen c.q. kritische succesfactoren die niet mogen ontbreken in de communicatie-inspanningen van LNV. Dit alles vanuit het besef wat met communicatie en voorlichting wel en niet te bereiken is.
- Meer in het bijzonder gaat het om aanbevelingen over:
- strategische aspecten van de communicatie en voorlichting Hierbij gaat het om (1) de verschillende manieren waarop communicatie en voorlichting naar gemeenten en waterschappen (ter ondersteuning van beleid rond nationale landschappen) ingezet kunnen worden, en (2) de koppeling van deze inzet met de beleidscyclus rond de Nationale Landschappen.
- tactische aspecten van de communicatie en voorlichting
- Deze aanbevelingen zijn meer praktisch van aard, en leiden we (onder meer) af uit de wijze waarop gemeenten en waterschappen (in) de Nationale Landschappen (en het beleid daarover) beleven en van daaruit hun behoefte ten aanzien van communicatie en voorlichting over de Nationale Landschappen kenbaar maken.
- De strategische en tactische aanbevelingen geven samen antwoord op de vraag: Hoe kan LNV communicatie en voorlichting over de Nationale Landschappen zo zinvol mogelijk inzetten richting gemeenten en waterschappen?

Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Related organisations

Related people

Researcher Drs. R.P.M. de Graaff
Researcher Ir. S.M.A. van der Kroon
Researcher Ir. M.M.M. Overbeek
Project leader Ir. H. Leneman

Related research (upper level)

Classification

A61000 Environmental planning
D65000 Urban and rural planning
D66000 Communication sciences

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation