| Titel | Toekomstbeelden in de beschermde teelten |
|---|---|
| Looptijd | 2002 - 2005 |
| Status | Afgesloten |
| URL | http://www.syscope.nl/home/project_item.asp?ph_id=102&titel=&p_id=26&t_id=20 |
| URL | http://www.syscope.nl/?pagina=nieuws_specificatie&p_id=23&t_id=25&n_id=299 |
| Onderzoeknummer | OND1306617 |
| [Achtergrond] Overheid, maatschappij en markt bepalen in hoge mate de plaats van de landbouw in de samenleving. De kunst is om de vragen en wensen van overheid, producenten en marktpartijen met elkaar te verbinden. Dit moet zodanig gebeuren, dat er perspectief is voor een levensvatbare agrarische productie in Nederland. Het uitgangspunt moet daarbij niet de continuïteit van bestaande structuren zijn, maar de toekomstige behoeften van markt en maatschappij. Deze maatschappij verandert snel en ingrijpend. De vraag is: hoe kan de toekomst voor de Nederlandse plantaardige productie eruit zien in 2030. Hoe stellen we ons de bedrijven voor en in welke omgeving opereren ze? En als we het erover eens zijn wat wenselijke toekomstbeelden zijn, wat moet er dan vanaf nu gebeuren om die toekomst mogelijk te maken? Hoe creëren we draagvlak in sector en maatschappij voor de voorgestelde ideeën en ontwikkelingen? Het is niet moeilijk voor te stellen hoe we de open, groene ruimte gebruiken voor natuur, milieu en landschap. Ook de ontwikkeling van een efficiënte productiesector met economische draagkracht is goed denkbaar. De uitdaging ligt nu juist in de ontwikkeling van bedrijfssystemen die op beide dimensies scoren. Bedrijfssystemen die de synergie van omgeving en economie in zich dragen, lijken het meest kansrijk om te kunnen voldoen aan de behoeftes van de volgende generatie. Een transitieopgave als deze vraagt om systeeminnovaties. Hiermee worden innovaties bedoeld die bedrijfs- en organisatieoverstijgend zijn en die door verschillende belanghebbenden gezamenlijk verwezenlijkt worden. Het gaat hierbij niet alleen om technische vernieuwingen, maar ook om veranderingen in structuur en cultuur. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij heeft onderzoekers van Wageningen UR opdracht gegeven om op deze vragen een antwoord te krijgen. Daarbij is het niet de bedoeling dat alleen onderzoekers over voorgestelde materie nadenken. Juist omdat het niet bij ideeën moet blijven, maar daadwerkelijke actie gewenst is, proberen we zoveel mogelijk belanghebbenden uit de agrarische productiesector te betrekken bij het project. Het resultaat moet immers draagvlak hebben onder diegenen, die er uiteindelijk ook mee aan de slag moeten. [Doel van dit project]: Het ontwikkelen en uitwerken van gewenste toekomstbeelden voor duurzame land- en tuinbouwbedrijven in 2030. Deze beelden geven richting aan te ontwerpen innovatieve bedrijfssystemen. Onder gewenste toekomstbeelden verstaan we hier een samenhangende synthese van wensbeelden van allerlei betrokkenen uit bedrijfsleven, overheid, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen, over bedrijven waar plantaardige productie een belangrijke functie vormt [Werkwijze binnen dit project]: De onderzoeksmethode die we hanteren is vrij ongebruikelijk. We redeneren namelijk vanuit een gewenst toekomstbeeld waarna we vervolgens bedenken wat er in de jaren daarvóór dan gebeuren moet. We willen bewust kiezen voor innovatie, niet voor optimalisatie. Voor de verkenning van de toekomst voor plantaardige teelten in Nederland is een aanpak gevolgd, die geïnspireerd is op een door DTO ontwikkelde methode (Duurzame Technologische Ontwikkeling). Er staan drie activiteiten centraal: - Uitvoeren van strategische probleemoriëntatie(s): Verkenning van de sectoren en probleem-velden. Wat zijn de meningen, wensen en belangen van belanghebbenden, de zogenaamde stakeholders? - Het maken van toekomstbeelden. Hoe zou de verre toekomst (over 20-50 jaar) eruit kunnen zien (mogelijke toekomstbeelden) en hoe zou die er uit moeten zien, wil ze geaccepteerd worden door diverse stakeholders (wenselijke toekomstbeelden) ? Deze fase, die we ook met stakeholders uitvoeren, is vooral gericht op creativiteit. - Het uitvoeren van backcastingoperaties. Welke stappen zijn nodig om een gewenst toekomstbeeld te kunnen realiseren? Er zullen cruciale knelpunten overwonnen moeten worden, de zogenaamde transitiepunten, om zover te komen. Ook in deze fase betrekken we stakeholders, zowel voor het zoeken naar oplossingen als voor het verkrijgen van draagvlak. [Resultaten]: In de eerste fase van het onderzoek hebben de onderzoekers voor de strategische probleemoriëntatie een kleine 30 stakeholders geïnterviewd (agrarische ondernemers, toeleveranciers, afnemers, beleidsmedewerkers, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en mensen van kennisinstellingen). De onderzoekers vroegen naar hun ideeën over de landbouw van één generatie verder. Dit leverde een breed scala van ideeën op. Een paar hoofdlijnen: een aantal ondervraagden zitten vooral op de lijn van efficiencyverbetering, schaalvergroting, hoog-technologische toepassingen, vraagsturing, internationaal georiënteerde en marktgestuurde ketens met integrale kwaliteitsborging en logistiek excellente prestaties. Een aantal anderen zit meer op de lijn van kleinschaligheid, lokale georiënteerde ketens en het vervullen van meer functies dan alleen agrarische productie. Nu is het interessant en uitdagend om te proberen een combinatie te maken van beide toekomstbeelden. Oftewel: Hoe kunnen bedrijfssystemen met een grootschalige productie functioneren in een kleinschalig en multifunctioneel landschap? Het projectteam heeft deze bedrijfssystemen de diagonale bedrijfssystemen genoemd. Dit is nog behoorlijk onontgonnen terrein: het gaat om nog vrij weinig gerealiseerde of onderontwikkelde opties. Een in een metropool gevestigde productietoren (bijvoorbeeld een varkensflat) is een innovatief voorbeeld voor het stedelijk gebied. Andere varianten zijn volkstuinen en daktuinen. In het landelijk gebied valt er nog veel te ontwikkelen: ruilverkaveling met daarbij een passend waterbeheersysteem, de recreatiefunctie in een multifunctioneel landschap, rassen die optimaal presteren in een multifunctionele omgeving (evenwicht gewas-omgeving) en niet te vergeten beleidsvernieuwing. Het diagonale bedrijfssysteem was het uitgangspunt voor het maken van wenselijke toekomstbeelden. Dit is gedaan tijdens een tweedaags ontwerpatelier, met stakeholders uit bedrijfsleven (zowel primaire productiebedrijven als ketenpartijen), overheid, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen. De doelen van deze twee dagen waren: - Creëren van toekomstbeelden van de omgeving - Creëren van toekomstbeelden van bedrijfssystemen - Identificeren en uitwerken van transitiepunten - Afspraken maken met betrokken over vervolgtraject Tijdens deze workshop hebben we vier werkgroepen gevormd die vanuit een specifieke focus als taak hadden innovatieve ideeën en projecten te ontwikkelen voor de diagonale bedrijfssystemen. Het betrof voor zowel de beschermde als open teelten een werkgroep voor een landelijke en stedelijke omgeving. De resultaten van deze workshop staan in het rapport Plannen voor Planten . [Beelden]: Bij de bedekte teelten in een landelijk gebied zullen bedrijven gevestigd zijn in netwerk clusters. Deze zijn gevestigd op locaties waar weinig concurrentie is met andere functies, zoals wonen. De ruimte wordt intensief gebruikt, met als kenmerk de duurzame productiewijze op regionaal niveau. Er is een natuurlijk evenwicht tussen de ecosystemen van productie en omgeving. Door productie onder de grond, of op kunstmatige eilandjes ontstaat ruimte voor teelt, soms in combinatie met recreatie of wonen. In de bedekte teelten in een stedelijk gebied vindt teelt op bestelling plaats. Naast de aandacht voor het milieu is de arbeidssituatie structureel verbeterd. De efficiency is inmiddels zo groot dat kassen als netto energieleverancier fungeren. De stad is een georganiseerde chaos, waar rust wordt geschapen door de juiste afstanden tussen wonen en werken. In een nieuw toekomstbeeld is de kas geïntegreerd in het stedelijk gebeid. In het nieuwste beeld is de stad geheel overkapt. De glazen stad is een symbiose van planten, dieren, werken, wonen, transport en recreëren. [Vervolg]: De derde fase ronden we in het laatste kwartaal van 2003 af. We hebben de toekomstbeelden uit de workshop in eerste instantie geanalyseerd. Hieruit hebben we de belangrijkste transitiepunten gekristalliseerd. Met de toekomstbeelden als uitgangspunt hebben we stakeholders gevraagd mee te denken over de aanpak van de transitiepunten. Dit zal uiteindelijk resulteren in een aantal projectideeën. Indien deze aan een aantal criteria voldoen, waaronder commitment bij stakeholders, zullen we ze in de resterende jaren van de programma s uitvoeren. [Publicaties]: Wolfert, J. 2002. Verkenning autonome ontwikkelingen en trends ten behoeve van de geïntegreerde en biologische bedrijfssystemen met beschermde teelten. LEI rapport code: 64501. Rapport downloaden [http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1273.pdf] Toekomst van Telen, Verslag van de workshop Toekomstverkenning Plantaardige Teelten in Nederland 19 juni 2002, Born-Zuid Wageningen. Verslag downloaden [http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1274.pdf] Poot, E., B. Klein Swormink, A. Krikke, G. Migchels, A. Groot. Plannen voor planten . Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V., Praktijkonderzoek Veehouderij B.V., Juni 2003. Rapport downloaden [http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_329.pdf] Poot, E., 2004. Back from the future: towards sustainable glasshouse horticulture in The Netherlands. Acta Hort. (ISHS) 655, p. 253-258. Artikel downloaden [http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1275.pdf] Anonymus, 2004. Biologische glastuinbouw onderzoekt gesloten kas. Het Landbouwblad 3 april 2004, p. 19. Artikel bekijken[http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1276a.jpg] Poot, E., 2004. In 2030: ondergrondse, stadse en drijvende kassen. Vakblad voor de Bloemisterij 1, p. 19. Tekst van het artikel downloaden[http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1277.pdf] Anonymus, 2004. Projecten komen tot leven in het innovatiecafé. Syscope magazine 3, voorjaar 2004, p. 6-7. Artikel downloaden[http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1278.pdf] Poot, E. 2004. Videopresentatie project Toekomstbeelden tijdens het relatiespektakel Plant de Toekomst ter gelegenheid van het 40-jarig jubileum van Van der Arend agrotechniek te Poeldijk, 6 mei 2004. Video bekijken [http://media001.is.nl/mcarchives/epoot_TB_arend40jaar.wmv] Poot, E. 2004. Innovatie voor intensivering. PPO Rapport, Naaldwijk. Rapport downloaden[http://www.syscope.nl/upload/project_alinea_1265.pdf] |
| Penvoerder | Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (WUR) |
|---|---|
| Samenwerking | Plant Research International (WUR) |
| Samenwerking | Food & Biobased Research (WUR) |
| Samenwerking | LEI Wageningen UR (WUR) |
| Samenwerking | Alterra (WUR) |
| Samenwerking | Universiteit van Amsterdam (UvA) |
| Financier | Directie Agrokennis (EL&I) |
| Projectleider | Ir. E.H. Poot |
|---|
| A21000 | Landbouw en tuinbouw |
|---|---|
| D43000 | Economische wetenschappen |
Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie