| De intelligentie van machines wordt nog steeds gebouwd door mensen. Zolang machines niet in staat zijn om zelf intelligentie te ontwikkelen zullen ze alleen maar de slimheid van de ontwerpers tentoonspreiden. De betrokkenheid van mensen voor de automatische constructie van mentale structuren en subjectiviteit in machines, hindert de ontwikkeling en de autonomie van intelligente machines op een zeer diepgaand niveau. Het lichaam-geestprobleem dat velen in de robotica aanpakken zou volgens promovendus Tijn van der Zant eigenlijk het lichaam-geest-constructieprobleem genoemd moeten worden. Er bestaat echter geen algemene theorie over hoe de geest zichzelf construeert. Machines die de eigen geest opbouwen hebben generatieve mechanismen nodig voor de constructie van en het testen van hun mentale machinerie, net zoals dieren en mensen ook generatieve mechanismen bezitten om hun geest te vormen. Van der Zant ging op zoek naar de generieke mechanismen achter de autonome constructie van de geest. Hij onderzocht wat er op het moment nog mist in de Kunstmatige Intelligentie om dit te bereiken. De theorie die hij ontwikkelde, genaamd Generative Kunstmatige Intelligentie, is gebaseerd op de moderne natuurkunde, biologie, sociologie, robotica, kunstmatige intelligentie en neuro-psychologie. Vanuit dit nieuwe theoretische perspectief wordt vervolgens gekeken in hoeverre de huidige wetenschappelijke technieken in staat zouden moeten zijn om machine intelligentie te verwezenlijken. Dit gebeurt onder andere door nieuwe interpretaties te geven van bestaand onderzoek van het automatisch herkennen van handschrift en het ontwikkelen van robots voor huishoudelijke taken. |