| Net zoals een zin méér is dan een verzameling woorden, zijn de hersenen meer dan een verzameling hersengebiedjes. Tijdens het verwerken van zinnen werken verschillende hersengebieden nauw samen. Tineke Snijders gebruikte beeldvormende technieken ( fMRI, MEG) om te onderzoeken hoe het brein woorden combineert tot zinnen. Ze bekeek de hersenactiviteit van proefpersonen terwijl ze zinnen en woordenreeksen lazen. Het vormen van zinnen werd moeilijker gemaakt door woorden toe te voegen die zowel zelfstandig naamwoord als werkwoord kunnen zijn (bijvoorbeeld bewijzen , sprongen , fietsen ). Haar bevindingen wijzen op het belang van het kijken naar hersennetwerken, in plaats van naar de activiteit van verschillende losse gebiedjes in de hersenen. Verder bestudeerde ze de invloed van een bepaalde veel voorkomende genetische variant op de hersenactiviteit. Iemands genotype bepaalt de verwerkingsroute die het brein volgt tijdens het lezen van zinnen. |