| In Europa vindt bijna de helft van de verwerking van aardappelen tot frites, chips en andere producten in Nederland plaats. Bij de verwerking van aardappelen ontstaan co-producten. Op jaarbasis ongeveer 1,4 miljoen ton (ongeveer 28.000 vrachtwagens). Deze co-producten vinden hun bestemming als diervoeder, biomassa voor energie-opwekking, meststof en als grondstof voor bioplastics. De kwaliteit en inhoudsstoffen van de co-producten bepalen de toepassingsmogelijkheden. Parameters als droge stof, eiwit, zetmeel, metalen, etc vertegenwoordigen de waarde van het co-product en bepalen de mogelijkheden om het co-product als grondstof in te zetten. Op dit moment zijn kwaliteit en inhoudstoffen pas na levering van co-producten bekend. Het project betreft het in-line meten (in het productieproces) van sturingsparameters van co-producten. Gegevens over kwaliteit en inhoudsstoffen zijn direct bekend waarmee sturing op kwaliteit mogelijk wordt. De apparatuur die dergelijke metingen kan uitvoeren wordt nog niet ingezet in de aardappel-verwerkende industrie. De beoogde projectresultaten zijn om een selectie te maken uit beschikbare apparatuur en om deze apparatuur in een test te installeren in het productieproces. Bij adequaat functioneren van de apparatuur wordt de ketenbesturing uitgewerkt (specificatie-eisen afnemers co-producten, uitwisseling informatie, sturing productieproces en afzetroutes). Doel is een daling van de afzetkosten van co-producten met 10% en transportbesparing van 10%. |