| Organisaties maken steeds vaker gebruik van teams die bestaan uit leden die van elkaar verschillen. Voorbeelden hiervan zijn multidisciplinaire teams, projectteams en research and development teams. Managers stellen deze teams samen onder de stilzwijgende aanname dat de effectiviteit kan worden bevorderd wanneer teamleden hun verschillen combineren en benutten. In de praktijk blijkt echter dat het voor teamleden niet altijd makkelijk is om optimaal gebruik te maken van elkaars verschillen. Aad Oosterhof onderzocht waarom sommige leden van dergelijke teams effectief samenwerken terwijl andere teamleden samenwerkingsproblemen ervaren. Hij toont aan dat belangrijk is hoe teamleden hun expertiseverschillen met anderen ervaren. Teams presteren effectiever naarmate teamleden ervaren dat hun verschillen elkaar beter aanvullen. Het blijkt dat het waarnemen van complementariteit in expertise afhankelijk is van iemands werkervaring en van de mensen met wie hij moet samenwerken. Oosterhof concludeert dat teamleden meer complementariteit in expertise waarnemen naarmate ze meer werkervaring hebben en wanneer een ander teamlid een ander soort expertise en een gelijk niveau in expertise heeft. |