KNAW

Research

BO-05-006 Ex ante and ex post evaluation of the Dutch manure legislation

Pagina-navigatie:


Update content


Title BO-05-006 Ex ante and ex post evaluation of the Dutch manure legislation
Period 01 / 2006 - unknown
Status Current
Research number OND1311589

Abstract

This theme focuses on the development of tools to asses the impact of the third action plan on the soil and water quality in the near future (ex ante evaluation) and the development of monitoring systems to relate the annual fertilizer and manure applications on the surplus of (animal) manure in the Netherlands (current status). The aim of this theme is to help policy makers to decide in which way the application standards have to be adjusted in order to comply with the (inter)national standards on environmental quality.

- Improvement of models to contribute to the ex ante evaluation of the Dutch legislation on nationale scale (STONE) and farm scale (MEBOT)
- Improvement of a model and a monitoring system with respect to the development of the manure surplus in the Netherlands

The projects in this theme should deliver i) methodologies to quantify the impact of the Dutch manure legislation on the nutrient losses to groundwater and surface waters and to quantify the development of the manure surplus in the Netherlands. In total three projects have been set up in relation to the demand of knowledge as defined by the Ministry of Agriculture, Nature and Food Quality.

Publications of this programme are available Here

Abstract (NL)

Doel:
Bij het vaststellen van de kennisbehoefte is het clusterbestuur er vanuit gegaan dat dit thema zich uitsluitend richt op de ontwikkeling van producten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de evaluatie en de monitoring mestoverschotten.

Concreet betekent dit dat de hoofdlijnen die in 2006 zijn uitgezet verder worden ontwikkeld:

1. Ontwikkeling van het nationale instrumentarium om de milieukwaliteit te kwantificeren (STONE; beheer, aanpassing en validatie), zullen n.a.v. opgedane ervaringen in 2006 nader uitgewerkt worden. Hierbij zal tevens aandacht besteed worden aan de verdere uitwerking van de koppeling van STONE met MAMBO (175 k ). Daarnaast wordt een start gemaakt om het instrumentarium geschikt te maken om de vragen die vanuit de Kaderrichtlijn water gesteld worden te kunnen beantwoorden. De werkzaamheden die hiervoor noodzakelijk zijn, worden vanuit de Stuurgroep STONE aangegeven (toekomst nutriëntenmodellering 2006-2015. De financiering die hiervoor de komende jaren nodig is, zal gezocht worden uit de beschikbare financiële middelen van de drie betrokken Ministeries (V&W, LNV en VROM).
2. Ontwikkeling van het bedrijfsmodel voor de open teelten (MEBOT) onderling afgestemd met gegevens die ook voor het nationale instrumentarium noodzakelijk zijn (50 k ).
3. Ontwikkeling mestproductie, mestmarkt en mestoverschot (150 k ). Het betreft hier een verdere ontwikkeling monitoringssystematiek, het verder ontwikkelen van het model, waarbij beter gebruik wordt gemaakt van monitoringsresultaten en de mogelijkheden worden nagegaan om onzekerheden in berekening mestoverschot te verminderen. En tot slot de documentatie van methode voor berekenen mestoverschot

De hoofddoelstellingen van dit thema zijn dan ook om instrumenten beschikbaar te hebben waarmee (a) de milieukundige effecten van de hoogte van gebruiksnormen en (b) de mestoverschotten gekwantificeerd kunnen worden zodat deze ingezet kunnen worden voor de evaluatie van de Meststoffenwet in 2007 en 2011.

Werkwijze
Het modelgerichte onderzoek dient aan te sluiten op eerder uitgevoerd onderzoek en levert de centrale modellen voor de evaluatie van het mestbeleid in 2007. De tools zullen worden ingezet voor de Evaluatie van het Mestbeleid in 2007 welke in het voorjaar gerapporteerd zullen worden aan de tweede Kamer. Verder geldt voor de modellen gebruikt worden voor het berekenen van het mestoverschot dat deze beter worden geënt op monitoringsgegevens. Dit monitoringsgerichte onderzoek is gericht op de ontwikkeling van de monitoringssystematiek welke getoetst zal worden door de Commissie van Deskundigen. Voor 2007 zal ook de uitvoering van de monitoring binnen het project uitgevoerd worden. Ook de monitoring zelf levert belangrijke resultaten voor de evaluatie van het mestbeleid in 2007 en voor de rapportages aan de Europese Commissie. De afspraken met de Commissie zijn vastgelegd in het Actieprogramma, in de derogatiebeschikking en een aantal onderliggende documenten. Het onderzoek moet aangeven hoe deze afspraken en de vragen van de evaluatie mestbeleid kunnen worden vertaald in concrete monitoringsactiviteiten.

Er zijn drie projecten (zie tabel) gedefinieerd die afzonderlijk ingaan op de concrete kennisvragen. De aanpak per project staat beschreven in de werkplannen per project. Het resultaat hiervan zal zijn dat er modellen en monitoringsystemen beschikbaar komen ten behoeve van de evaluatie van de meststoffenwet in 2007 (en 2011). Tevens komt een monitoringsystematiek beschikbaar waarmee regelmatig (in ieder geval jaarlijks) de mestdruk op de markt gekwantificeerd kan worden. Het onderzoek borduurt voort op de kennis die de afgelopen jaren al is gegenereerd binnen Wageningen UR over de relatie tussen het (kunst)mestgebruik en milieukwaliteit.

Resultaten
Het eindresultaat van dit thema zal zijn dat er modellen en monitoringsystemen beschikbaar komen ten behoeve van de evaluatie van de meststoffenwet in 2007 (en 2011) en monitoringsystematiek beschikbaar komt waarmee regelmatig (in ieder geval jaarlijks) de mestdruk op de markt gekwantificeerd kan worden

Publicaties bij dit programma zijn beschikbaar via deze Link

Related organisations

Related people

Project leader Ir. O.F. Schoumans

Related research (upper level)

Classification

A12000 Surfacewater and groundwater
A13000 Soil
C50000 Environmental studies
D16800 Computer simulation, virtual reality

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation