Doel: Doelstelling van dit project is tweeledig. Kwantificeren van de effecten van een combinatie van aaltjessoorten op schade en populatieontwikkeling. Model: aardappel, P. penetrans* Globodera pallida (aardappelcysteaaltje). Deze soorten laten zich op aardappel goed hanteren in potproeven. De inbreng van PRI is de modelontwikkeling voor interacties die daarmee aansluit op 2.5.3 Tweede projectdoel is het opsporen en doorontwikkelen van P. penetrans onderdrukkende gewassen tot praktijktoepassing
Werkwijze: 2006 feb:Literatuuronderzoek interacties nematodensoorten , nematoden en schimmels Start kweek testpopulaties: Globodera pallida en Pratylenchus penetrans Literatuuronderzoek alternatieve vanggewassen Selectie proefveld alternatieve vanggewassen mrt:Ontwerp proefopzet interactiepotproef, veldproef vanggewassen mei: Pilot experiment interacties ter controle technieken, aanleg proefveld nov: Resultaten Pilot, Definitief ontwerp interactieproef 2007
2007 Definitieve interactie potproef Natoetsing effecten vanggewassen, na voorteelt akkerbouwgewas Herhaling veldproef vanggewassen, na voorteelt houtig gewas opm.: voor deze laatste twee geldt dat nu nog niet duidelijk is op welke manier de budgetverlaging in 2007 opgevangen zal worden. Dit zal mede afhangen van de resultaten.
2008 De resultaten uit de interactiepotproef zullen worden verwerkt tot een verslag, een wetenschappelijke publicatie en een vakbladartikel. De verkregen informatie over interacties zal worden toegevoegd aan de help file van NemaDecide en worden verwerkt in een vakbladartikel De methodiekontwikkeling van het Jecons inoculeer apparaat is voor het doelorganisme Pratylenchus penetrans nog niet in een eindfase. Hiervoor zullen in 2008 nog experimenten worden uitgevoerd. In vijf lezingen zal aandacht geschonken worden aan het effect op de teelt van interacties tussen Pratylenchus penetrans en andere bodemorganismen.
Tegenvallende resultaten maken noodzakelijk dat de veldtoetsing van Pratylenchus penetrans onderdrukkende groenbemesters in 2008 herhaald wordt.
De gewassen zijn in 2007 zeer slecht opgekomen, dus er konden geen conclusies getrokken worden uit de proef. Het voorstel is om nu de gewassen onder te werken en winterrogge in te zaaien. Hiermee wordt Pratylenchus penetrans in stand gehouden. In 2008 wordt dan de proef van 2007 herhaald op hetzelfde proefveld. Dat houdt in dat diverse groenbemesters worden geteeld en getest op hun onderdrukkende werking van Pratylenchus penetrans. Bovendien wordt de werking in een diepere bodemlaag gemeten. Van Tagetes wordt gekeken naar het effect van de lengte van de teeltduur op de P. penetrans-onderdrukking. De nateelt van een vatbaar gewas in 2008 (zoals oorspronkelijk gepland) komt daarmee te vervallen.
Resultaten: - Rapport literatuurstudie interacties - Rapport literatuurstudie vanggewassen - Ontwerp interactieproef 2007 - Rapport veldonderzoek alternatieve vanggewassen 2006
2007
- Rapportage interactieproef - Protocol voor vervolgproef - I.s.m. 2.5.4 eerste modelbenadering voor interacties tussen aaltjessoorten - Rapport veldonderzoek alternatieve vanggewassen 2007
2008
- Verslag interactie potproef - Wetenschappelijke publicatie interactie potproef - Vakbladartikel effect interacties in de praktijk - Aangepaste helpfile NemaDecide - Definitief protocol inoculeren met Jencons dispenser.
Einde project - Inzicht in interactie tussen aaltjessoorten. - Antwoord op de vraag of en hoe we schadedrempels moeten aanpassen bij combinaties van P. penetrans en G. pallida. - Alternatieve bestrijding via vanggewassen die in de verschillende sectoren op bedrijfsniveau kunnen worden ingepast.
Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link> |