KNAW

Onderzoek

Kennisbeheer in de vroegmoderne tijd: het commentaar op klassieke Latijnse...

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Kennisbeheer in de vroegmoderne tijd: het commentaar op klassieke Latijnse teksten (ca. 1480- ca. 1700)
Looptijd 01 / 2006 - onbekend
Status Afgesloten
Onderzoeknummer OND1316729
Leverancier gegevens Website Huygens Instituut

Samenvatting

In de vroegmoderne tijd vond een fundamentele herziening, herautorisatie en heroriëntering van de wetenschappen plaats. In dit proces speelde de humanistische filologie een cruciale rol. De humanisten hadden principiële bezwaren tegen de middeleeuwse omgang met de klassieke literatuur, hetgeen hen ertoe bracht een breed en internationaal gedragen programma aan te vatten dat tot een integrale hernieuwde uitgave en becommentariëring van de klassieke teksten moest leiden. De centrale hypothese van dit project is dat de belangrijkste functie van deze humanistische commentaren was om de klassieke teksten als kennisarchief op een nieuwe en systematische wijze bruikbaar te maken, zodat een nieuwe autoritatieve basis van alle beschikbare kennis tot stand kon komen. Deze vorm van kennisbeheer wijkt sterk af van de hedendaagse praktijk waarin commentaren op klassieke schrijvers uitsluitend een vakspecifieke functie hebben, hetzij in de wetenschap van de klassieke filologie, hetzij in het middelbaar schoolonderwijs in de klassieke talen. Daaruit vloeit voort dat een grondige bestudering van het humanistische commentaar op klassieke schrijvers van cruciaal belang is voor het vraagstuk kennisbeheer in de vroegmoderne tijd. De humanistische commentaren zijn tot nu toe nog niet met het oog op dit vraagstuk onderzocht. In dit project zullen de humanistische processen en praktijken van becommentariërende tekstontsluiting onderzocht worden. Hiertoe zullen in lengtedoorsneden de diverse humanistische commentaardiscoursen en methoden beschreven en geanalyseerd worden. Het gaat daarbij met name om (1) Weltaneignung (speciale vakgebieden t/m encyclopedische kennis) en Weltbemeisterung (techniek t/m ethiek); (2) retorische commentaaranalyes (klassieke rhetorica als kennissysteem); (3) archeologische en cultuurhistorische Wissenseinbindung (archeologie als basis van historische kennis); (4) etymologische tekstverklaring; (5) taalesthetische tekstevaluatie; (6) reciproque tekstautorisatie door referentie aan andere antieke werken. Door een seriële en comparatieve werkwijze (bv. naar een reeks Juvenaliscommentaren tussen 1480 tot 1700) kan de diachrone en vaak ook de synchrone dynamiek van de becommentarieëringsprocessen adequaat in beeld worden gebracht. Voorts zal bijzondere aandacht worden geschonken aan de manieren waarop de humanisten bij hun beheer van kennis gebruik maakten van de presentatiemiddelen die het nieuwe medium van het gedrukte boek hen bood (tekstopmaak, methoden om het commentaar aan de tekst aan te hechten , tekststructurering, indicering). Uit steekproeven is telkens weer gebleken dat het bijzonder vruchtbaar is boekwetenschappelijke analyses van de uiterlijke vormen van tekstpresentatie met inhoudelijk gerichte vormen van tekstanalyse te verbinden. Het programma Kennisbeheer in de vroegmoderne tijd: het commentaar op klassieke Latijnse teksten voorziet in twee deelprojecten. In het eerste zullen commentaren op klassieke proza-auteurs, het tweede die op dichters onderzocht worden. De (voorlopige) selectie is zo samengesteld dat daarin de belangrijkste genres van de Latijnse literatuur vertegenwoordigd zijn:

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Projectleider Prof.dr. K.A.E. Enenkel

Bovenliggende onderzoeksactiviteit(en)

Classificatie

D36100 Klassieke taal- en letterkunde

Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie