KNAW

Research

Religion, minority status and reproductive behavior among Muslims and...

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title Religion, minority status and reproductive behavior among Muslims and Hindus in India and Bangladesh
Period 09 / 2004 - 12 / 2010
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1317820

Abstract (NL)

Zowel op wetenschappelijk als politiek niveau is er veel aandacht voor de hoge geboortecijfers bij moslims. Dit zou het gevolg kunnen zijn van een interpretatie van islamitische principes, bijvoorbeeld tegen abortus en voorbehoedsmiddelen, waaronder sterilisatie. Het is echter de vraag of de natuurlijke groei van het aantal moslims het gevolg is van de religie of van andere omstandigheden. Er zijn namelijk veel landen, ook met een islamitische meerderheid, waar het geboortecijfer bij moslims niet hoog is. Promovenda Biswamitra Sahu onderzocht de situatie in Bangladesh en India. De twee Zuid-Aziatische buurlanden spiegelen elkaar in de bevolkingssamenstelling van hindoes en moslims. India heeft een hindoemeerderheid (80,5%) en een moslimminderheid (13,4%); omgekeerd heeft Bangladesh een moslimmeerderheid (87,8%) en een hindoeminderheid (9,3%). Deze unieke situatie in beide landen biedt een uitstekende gelegenheid om zowel de rol van religie als de minderheidsstatus te onderzoeken in de geboortecijfers van beide religieuze groepen. De moslims in India hebben een hoger geboortecijfer dan de hindoes. De zogenoemde CFS (Completed Family Size) in India is bij moslims 5,3 kinderen en bij hindoes 3,9 kinderen. In Bangladesh is de CFS bij moslims 4,7 kinderen, bij hindoes 4,2 kinderen (cijfers uit 2007). Het islamitische aandeel van de totale bevolking stijgt dus in beide landen. In India is het onderwerp sterk gepolitiseerd: soms wordt gezegd dat moslims de meerderheid zullen gaan vormen. Het onderzoek van Sahu toont echter aan dat generalisaties over de zogeheten pronataliteit van moslims vaak overdreven zijn. Religie speelt zeker een belangrijke rol in het aantal kinderen van gelovigen. De invloed en kracht van religie is echter vaak contextueel bepaald. Het kindertal hangt samen met bijvoorbeeld de status als minderheid of meerderheid of de sociaal-economische status. Mensen blijken in staat, los van religie, hun reproductie vorm te geven. Ze doen dit met het belang van hun gezin voor ogen: men kiest niet voor de kwantiteit, maar voor de kwaliteit, waarbij opleiding en levensstandaard van de kinderen belangrijk zijn.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. L.J.G. van Wissen
Project leader Prof.dr. I. Hutter
Doctoral/PhD student Dr. B. Sahu

Classification

A85000 Culture, philosophy of life and leisure activities
C20000 Development studies
D64000 Demography

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation