KNAW

Onderzoek

Opvattingen en vormen in literatuur en kunsten (Rhetorica Poetica, Musica en Pictura)

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Opvattingen en vormen in literatuur en kunsten (Rhetorica Poetica, Musica en Pictura)
Looptijd 01 / 2007 - onbekend
Status Afgesloten
Onderzoeknummer OND1320431
Leverancier gegevens Website Huizinga Instituut

Samenvatting

Doel van het themagebied is om vanuit zijn specifieke invalshoek bij te dragen tot het zicht op en inzicht in de veranderingen waaraan literatuur en kunsten sinds het begin van het humanisme onderhevig zijn geweest. Dit enerzijds ten dienste van de kennis van en begrip voor de artefacten uit verleden en heden. Anderzijds ten dienste van het inzicht in de cultuur­historische veranderingsprocessen en van het subtiele geheel van relaties en transformaties die daarbij aan de orde zijn. Voor de literatuur vanaf de Renaissance heeft de herontdekking van de klassiek-humanistische retorica het onderzoek naar literaire opvattingen en vormgevingsprincipes sterk gestimuleerd. Maar ook binnen andere disciplines als kunstgeschiedenis, architectuurgeschiedenis en muziekgeschiedenis is kennis van de 'regels van de kunst' en de daarop berus­tende beschrijving van structuren en vormen noodzakelijk om individuele artefacten op een historisch adequate wijze te analyseren. Ten aanzien van de 19de- en 20ste-eeuwse literatuur en kunst heeft een dergelijke historische benaderingswijze eveneens tot vruchtbare resultaten geleid; immers, het jongste onderzoek heeft het anti-academische (anti-retorische, anti-kunsttheoretische) karakter van tal van opvattingen over literatuur en kunst tijdens en na de Romantiek op zijn minst gerelativeerd.Onder invloed van deze recente tendensen heeft men bovendien steeds meer oog gekregen voor de complexe relatie tussen kunstopvattingen en ideeëngeschiedenis (filosofische en theologische ideeën; medische ideeën: psychoanalyse). De zojuist beschreven poëticale-kunsttheoretische benaderingswijze richt zich op zowel discipline-gebonden als algemene, en zowel expliciete (in verhandelingen geformuleerde) als impli­ciete (uit de artefacten te recon­strue­ren) 'uitspraken' en wordt gekenmerkt door interdisciplinariteit en historiciteit. Tijdens diverse colloquia, o.a. over het begrip stijl en over de theoretische reflectie aangaande de relatie tussen de kunsten, werden al eerder de banden tussen literatuurhistorici, kunsthistorici, architectuurhistorici en muziekhistorici aangehaald. Deze worden verder verstevigd in promovendi-bijeenkomsten, waarin jonge onderzoekers uit voornoemde disciplines hun werk presenteren aan collega's en senioronderzoekers uit het hele themagebied. In de onlangs opgerichte werkgroep Visuele Cultuur vindt een soortgelijke dialoog plaats.

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Onderzoeker Dr. J. Becker
Onderzoeker Dr. M.E.W. Boers-Goosens
Onderzoeker Dr. K.J.S. Bostoen
Onderzoeker Dr. P.H.A.M. van Emmerik
Onderzoeker Dr. A.J. Gelderblom
Onderzoeker Dr. A.J.E. Harmsen
Onderzoeker Dr. E.M. Knottenbelt
Onderzoeker Dr. S.J. Leibovici
Onderzoeker Dr. M.E. Meijer Drees
Onderzoeker Dr. M.A.E. van Montfrans-van Oers
Onderzoeker Dr. L.D.M. Mutsaers
Onderzoeker Dr. L.N. Pennings
Onderzoeker Dr. G.F.H. Raat
Onderzoeker Dr. R.A. Rasch
Onderzoeker Dr. G. de Vriend
Onderzoeker Dr. U.H. Weinhold
Projectleider Prof.dr. A.A. Clement
Projectleider Prof.dr. K.A.E. Enenkel
Projectleider Prof.dr. E.M.P. van Gemert
Projectleider Prof.dr. G.C.A.M. van Gemert
Projectleider Prof.dr. H.A. Hendrix
Projectleider Prof.dr. J.J. Kloek
Projectleider Prof.dr. J.M. Koppenol
Projectleider Prof.dr. H.A. van der Liet
Projectleider Prof.dr. C.G. Meerhoff
Projectleider Prof.dr. P.M. Op de Coul
Projectleider Prof.dr. H. Pleij
Projectleider Prof.dr. P.J. Smith
Projectleider Prof.dr. R.K. Todd
Projectleider Prof.dr. B. Westerweel

Classificatie

A85100 Kunst en cultuur
D35100 Kunst- en architectuurgeschiedenis

Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie