KNAW

Research

A cognitive model of caching by corvids

Pagina-navigatie:


Update content


Title A cognitive model of caching by corvids
Period 09 / 2007 - 02 / 2013
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1321691
Data Supplier NWO

Abstract

Background. Like many corvids, ravens and scrub jays cache food items by burying them in the ground, saving them for later. If possible, they will not only retrieve their own caches, but also pilfer those of others. However, thieves can only find caches if they watch them being made. This creates a strong incentive for food storers to stay out of sight as they cache, to create false impressions of where their stash is hidden, and to rehide items later if they can't help being observed. Accordingly, this is exactly what they do. In fact, the deceptive strategies employed by both species are so impressive, that various scientists have started to speculate that they may possess aspects of 'Theory of Mind' (ToM), the ability to reason about the minds of others. Specifically, they may understand the concept of seeing. It is, however, nearly impossible to establish this conclusively: Virtually every seemingly "ToM-like" behavior also has a plausible "low-level" explanation, which assumes associative learning or an innate disposition. This project. In my Phd. project, the aim is to simulate a population of 'virtual corvids' in an agent-based model, and to examine how different internal representations affect external behavior. Using techniques from artificial intelligence, agents will be created with varying degrees of "ToM-like" decision mechanisms. These 'virtual corvids' will be exposed to the same experimental paradigms as their biological counterparts, to examine which accounts of corvid mentality best explain the data.

Abstract (NL)

Elske van der Vaart concludeert uit haar onderzoek dat het nog te vroeg is om kraaiachtige vogels theory of mind toe te dichten. Kraaien en hun familieleden, zoals raven, gaaien en eksters, hebben verassend grote hersenen en vertonen opzienbarend gedrag. Zo is van één soort bekend dat hij gereedschap maakt en van een andere dat hij zichzelf herkent in de spiegel. Ook qua sociale intelligentie lijken deze vogels bijzonder. Zo wordt voor westelijke struikgaaien wel gespeculeerd dat ze over een theory of mind beschikken, het vermogen om na te denken over de mentale toestanden van anderen. Dit idee komt voort uit het gedrag dat struikgaaien vertonen bij het verstoppen van voedsel. Ze lijken heel tactisch te anticiperen op toekomstig diefstal, bijvoorbeeld door hun eten later te verplaatsen als anderen hebben meegekeken bij het verstoppen. De vraag blijft echter of dit gedrag even slim is als het eruit ziet. Deze vraag onderzocht Van der Vaart met een nieuwe methode, namelijk een computationeel cognitief model. In de psychologie wordt deze methode al veel toegepast, maar voor dieronderzoek wordt hij nog weinig gebruikt. Voor het onderzoek werd een soort virtuele vogel gebouwd, uitgaande van een aantal basisprincipes over leren en geheugen. Vervolgens wordt deze computervogel gebruikt om bestaande experimenten na te bootsen en zo te onderzoeken welke aannames leiden tot hetzelfde gedrag als voor de echte vogels gevonden is. Hieruit blijkt dat verschillende experimenten op een cognitief eenvoudiger manier verklaard kunnen worden dan tot nu toe gebruikelijk is. Daarom is het nog te vroeg om kraaiachtige vogels theory of mind toe te dichten.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. C.K. Hemelrijk
Supervisor Prof.dr. L.C. Verbrugge
Doctoral/PhD student Dr. E.E. van der Vaart

Classification

D16600 Artificial intelligence, expert systems
D51000 Psychology

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation