KNAW

Research

Prediction of feather-pecking and robustness with neuro-physiological parameters

Pagina-navigatie:


Update content


Title Prediction of feather-pecking and robustness with neuro-physiological parameters
Period 01 / 2005 - 12 / 2007
Status Completed
Research number OND1323801

Abstract

There is a need in poultry breeding and production for a method to predict the propensity to develop feather pecking behaviour Aim:The overall aim is to study whether neurophysiological parameters of the hypothalamic-pituitary-adrenal axis and the serotonergic and dopaminergic system have a predictive value for a) the propensity to display feather pecking and cannibalism, and b) the ability to successfully adapt to a dynamic environment (i.e., robustness) as normally found in layer production systems.The research in 2007 will focus on the predictive value of these parameters in beak-trimmed and non-beak-trimmed hens that are genetically selected for low mortality. Specific aims of the study are: (a) To investigate the effects of selection (low mortality versus control line) and beak trimming (yes or no) on neurophysiological characteristics. (b) To investigate whether neurophysiological characteristics are predictive of robustness, feather pecking and cannibalism at a later age. (c) To investigate whether neurophysiological characteristics post mortem are related to robustness, feather pecking and cannibalism in beak-trimmed and non-beak-trimmed hens. Results: insight in the relationship between feather pecking and underlying neurophysiological characteristics Products: an article in a specialist magazine (aimed at commercial layer production) a contribution to a scientific meeting.

Abstract (NL)

Er is in de pluimveefokkerij en ┬┐houderij behoefte aan een methode om de gevoeligheid voor verenpikken vast te stellen zonder deze gevoeligheid tot expressie te laten komen. Onderzoeken of neurofysiologische parameters van de hypothalamus- hypofyse-bijnier-as en van het serotonerge en dopaminerge systeem een voorspellende waarde hebben voor zowel de gevoeligheid voor verenpikken en kannibalisme, als voor het vermogen om zich met succes aan te passen aan wisselende omstandigheden zoals die in houderijsystemen van leghennen normaal voorkomen. Het onderzoek in 2007 wordt uitgevoerd binnen het experiment `Tweede generatie selectie-experiment┬┐ van Esther Ellen. In dit experiment wordt gekeken naar het effect van selectie tegen uitval (controlelijn versus lijn met lage uitval, tweede generatie) van gesnavelkapte en ongesnavelkapte hennen. Door gesnavelkapte en ongesnavelkapte hennen te vergelijken, kan er onderscheid gemaakt worden in uitval door verenpikken en kannibalisme (ongekapte hennen) versus uitval door andere oorzaken (gekapte hennen). Het onderzoek bestaat uit manual restraint tests en bepalingen van neurofysiologische parameters (plasma corticosteron, basaal en stress-gerelateerd, serotoninemetabolisme in thrombocyten (5HT, 5HT-uptake en MAO); serotonine- en dopamineturnover in het brein. Resultaten: Inzicht in de relatie tussen verenpikken en onderliggende neurofysiologische kenmerken. De resultaten zijn eind 2007 beschikbaar. Producten: Een artikel in de vakpers en een congresbijdrage. Beschikbaar: eind 2007/begin 2008.

Related organisations

Related people

Project leader Dr.ir. J. ten Napel

Related research (upper level)

Classification

A22000 Animal husbandry
D12100 Metrology, scientific instrumentation
D21700 Physiology

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation