| In deze programmalijn gaat het om het realiseren van nieuwe leervormen, gericht op authentiek leren. We spreken van authentiek leren als het plaats vindt in een voor de lerende zinvolle, reële context en als zodanig aansluit op een behoefte om iets te leren, c.q. die behoefte op een vanzelfsprekende wijze opwekt. Het feit dat het gaat om reële contexten betekent dat het ook complete contexten moeten zijn, die doorgaans ook vrij complex zijn (dit in tegenstelling tot formeel leren waarin leersituaties vaak ontdaan zijn van allerlei kenmerken, met als gevolg dat ze minder gemakkelijk herkend worden als staande voor situaties die de lerende (van)zelf tegenkomt of kan tegenkomen). Om authentiek leren via leertaken tot stand te brengen of te faciliteren moeten deze taken inzichtelijk zijn vanuit de leefwereld van de lerende, aansluiten bij een persoonlijke interesse en realiteitswaarde hebben, dat wil zeggen: relevant zijn voor toepassingssituaties buiten de onmiddellijke school. Authentiek leren kent vier dimensies: - constructie van kennis in complete taaksituaties; - leefwereldnabijheid; - relevantie voor buitenschoolse situaties; - communicatie en samenwerking (interactie). |