| Het programma Nederlanders en de Cultuur over de Grenzen richt zich op de geschiedenis van de culturele interactie tussen Nederlanders en niet-Nederlanders in de buiten-Europese wereld. Het hoeft geen betoog dat culturele uitwisseling op verschillende niveau s en allerlei manieren plaatsvindt. Tussen specifieke lagen van de bevolking, tussen bestuur en bevolking, tussen gevestigde groepen en nieuwkomers, tussen buitenlandse overheersers en oorspronkelijke bewoners, enzovoorts. Interactie vindt ook plaats op verschillende terreinen, van wetgeving en godsdienst tot en met onderwijs en dagelijkse gewoonten. Sinds het einde van de 16e eeuw zijn Nederlanders naar buiten-Europese gebieden getrokken. Meest in het oog lopend zijn daarbij de gebieden die in een bepaald stadium door Nederland gekoloniseerd zijn, in Azië, Amerika en Afrika. In sommige van deze gebieden, bijvoorbeeld Indonesië, Suriname en de Nederlandse Antillen, was de Nederlandse cultuur gedurende langere tijd een dominante cultuur, hetgeen overigens bepaald niet altijd betekende dat het proces van culturele verandering éénrichtingsverkeer was. Soms pasten Nederlanders zich op bepaalde terreinen verregaand aan. Een belangrijk aspect bij al deze culturele interactie was ook het veranderende beeld dat Nederlanders zich, zowel thuis als overzee, van de buiten-Europese mens vormden. Het programma Nederlanders en de Cultuur over de Grenzen beoogt materiaal aan te reiken voor de geschiedenis van de culturele interactie overzee. Dit materiaal geeft inzicht in de reacties van Nederlanders op andere culturen en omgekeerd. Tevens wordt getoond welk beleid Nederlandse koloniale overheden ten aanzien van bepaalde andere culturele groepen voerden; beleid waarvan de gevolgen vaak tot op de dag van vandaag doorwerken. Het programma is van belang voor Nederlandse èn buitenlandse onderzoekers en verdere belangstellenden. De hierboven genoemde culturele interactie is zo divers en rijk geschakeerd dat, mede gegeven de looptijd van het programma, binnen het brede cultuurhistorische veld zowel qua periode, geografie als thematiek keuzes noodzakelijk zijn. De nadruk binnen het programma ligt primair op religieuze verhoudingen en het beleid van de overheid ten opzichte daarvan. Bij de geschiedenis van de Nederlanders in het Atlantisch gebied ligt de nadruk meer op de vorming en handhaving van multiculturele samenlevingen in het tijdperk van de slavernij. De resultaten, die einde 2011 beschikbaar komen, zullen bestaan uit digitale Engelstalige archiefgidsen. |