| De meeste talen hebben woorden die bestaan uit verschillende bouwstenen of morfemen (bijvoorbeeld succes+vol of snel+weg ). Victor Kuperman beschrijft in zijn proefschrift hoe eigenschappen van morfemen en woorden met veel morfemen de manier beïnvloeden waarop we zulke woorden lezen en hoe we ze zelf produceren als we spreken. Om complexe woorden te herkennen, gebruiken lezers tegelijkertijd verschillende informatie die wordt aangeleverd door morfemen en door de hele woorden. Dat blijkt uit verschillende studies in het proefschrift. Hetzelfde gebeurt in spraak. Het gaat om informatie als de frequentie waarmee morfemen en combinaties van morfemen voorkomen, hun lengte en hun betekenis. Een belangrijke bevinding is dat de informatie die wordt verkregen van één bron beïnvloedt in welke mate andere bronnen nog worden gebruikt. Een ander belangrijk resultaat is dat lezers en sprekers het gebruik van verschillende informatiebronnen heel nauwgezet in balans houden. Dit proefschrift is gebaseerd op leesexperimenten in het Nederlands, Engels, Fins en Servisch, alsook op het in Nijmegen verzamelde Corpus Gesproken Nederlands. |