KNAW

Research

The literary life in Leiden 1760-1860

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title The literary life in Leiden 1760-1860
Period 09 / 2007 - 10 / 2011
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1328961
Data Supplier Website Huizinga Instituut

Abstract (NL)

Leiden vormde in de tweede helft van de achttiende en in de negentiende eeuw een bolwerk van literatuur en cultuur. Het was een roerige tijd, waarin het literaire leven, temidden van allerlei maatschappelijke ontwikkelingen, meer dan ooit bloeide. In dit onderzoek wordt uitgegaan van de veronderstelling dat er in Leiden in de periode 1760-1860 sprake was van een literair netwerk. Het doel is om dit in kaart te brengen; wie waren er in deze periode bij de literatuur betrokken, en op welke manier? Een theorie die goed te gebruiken is ter verantwoording van een netwerkanalyse is de kunst-sociologie van de Franse socioloog Pierre Bourdieu. Hij is de geestelijk vader van het begrip literair veld : de sociale ruimte waarin literatuur geschreven, geproduceerd, gelezen en besproken wordt en waarin verschillende soorten instituties invloed of in de terminologie van Bourdieu: macht uitoefenen. Deze theorie heeft hij onder meer beschreven in zijn vuistdikke boek De regels van de kunst uit 1992. Voor mijn onder-zoek beschouw ik de stad Leiden in het tijdvak 1760-1860 als een casus aan de hand waarvan de literaire veldtheorie van Bourdieu kan worden uitgewerkt. Niet alleen de literaire genootschappen, zoals de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde en Kunst wordt door arbeid verkreegen, zijn instituties, maar ook de literaire studenten-disputen, leesgezelschappen, uitgevers, boekhandelaren en de Leidse Schouwburg. Daarnaast zal worden getracht om de literaire activiteiten van meer verborgen groepen aan het licht te brengen. Bourdieus benadering verschaft inzicht in machtsverhoudin-gen tussen de instituties en in de wijze waarop het literaire netwerk functioneerde. Om deze analyse te kunnen uitvoeren, wordt de periode die het onderzoek be-slaat verdeelt in vijf tijdvakken. Van ieder tijdvak wordt bekeken welke instituties er waren en op welke manier die invloed uitoefenden op het literaire veld. Daarbij maak ik gebruik van een digitale database om verbanden tussen de verschillende instituties en de daarbij betrokken personen te kunnen leggen. Dikwijls is het beschikbare bron-nenmateriaal echter gefragmenteerd. Daardoor is het voor de onderzoeker onmogelijk om een compleet beeld van het literaire veld in een bepaalde periode te geven. Pas als er in de omringende werkelijkheid iets plaatsvindt een historische gebeurtenis of een maatschappelijk conflict krijgen we goed zicht op de wijze waarop het literaire be-drijf functioneerde. Daarom is ervoor gekozen om elk hoofdstuk te rangschikken rondom één of meerdere historische gebeurtenissen, zoals de strijd tussen de patriotten en de prinsgezinden, de inval van de Fransen, de buskruitramp, de discussie over de geest der eeuw, de Belgische opstand en de revolutie van 1848 (zogenaamde casus-sen). Daarmee wordt aangesloten bij het idee van een constante wisselwerking tussen tekst en context van het New Historicism. Het eindresultaat is een literair-historische monografie waarin bovengenoemd onderzoek tot een synthese zal worden gebracht.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. J.L. Goedegebuure
Project leader Dr. P.A.W. van Zonneveld
Doctoral/PhD student Dr. R.A.M. Honings

Classification

A85100 Arts and culture
D34400 Modern history
D36200 Germanic language and literature studies

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation