Beschrijving In dit onderzoek is gekeken naar de effecten van nieuwe bodempredatoren op Duponchelia. Ook is gekeken naar en de invloed van gewas en substraat op deze bodempredatoren en op Duponchelia. De effecten van een aantal biologische en chemische middelen op Duponchelia zijn onder kasomstandigheden bepaald, waarbij eveneens is gekeken naar combinaties van behandelingen. Tenslotte is gekeken naar het effect van spuitfrequentie en toedieningstechniek op de effectiviteit van een verspuitbaar middel.
Resultaten De roofmijt Hypoaspis miles had een goed effect op Duponchelia met tachtig procent bestrijding tijdens een kasproef in 2003. De strategie om preventief bodemroofmijten uit te zetten tegen Duponchelia lijkt succesvol te zijn bij potplanten. Bij een hoge plaagdruk van Duponchelia bleken roofmijten niet afdoende te werken. In een kasproef is gekeken naar het effect van toedieningstechniek en de spuitfrequentie bij inzet van Bt-preparaten. Deze proef liet zien dat het effect van een toedieningstechniek gewasafhankelijk is. De combinatie van bladvorm en bladstand is hierbij van cruciaal belang. Rupsen van Duponchelia werden in deze proef het meest waargenomen in het meest vochtige mengsel. Duponchelia heeft een enorm brede waardplantenreeks, maar blijkt voorkeur te hebben voor bepaalde gewassen. Bij een vergelijking van Kalanchoƫ en Begonia bleek Kalanchoƫ aantrekkelijker te zijn, hoewel Begonia schadegevoeliger was. Bij een vergelijking van Kalanchoƫ en Cyclamen bleek Cyclamen aantrekkelijker te zijn. |