Beschrijving Nagaan in hoeverre het optreden van blad-, bloem- en knopval kan worden voorkomen door het toepassen van 1-MCP gedurende verschillende behandelingstijden tijdens de afzet. Nagaan of een bespuiting met auxine, net voor afleveren, bladval kan beperken. Dit moet uitmonden in een concreet praktijkadvies.
Resultaten In het onderzoek met als doel het beperken van blad-, bloem- en knopval bij kuipplanten in de naoogstfase is gebleken dat teeltomstandigheden behoorlijk invloed hebben op de productkwaliteit. Ook (voor)behandelingsmiddelen hebben effect op het behouden van de kwaliteit, wel verschilt het effect sterk per gewas. De invloed van transportomstandigheden bleek klein. Een middel op basis van een planthormoon heeft duidelijk een positieve werking bij Bougainvillea. Tot 4 weken na aanvang van de proef lieten de planten behandeld met het middel nagenoeg geen bloemval zien, terwijl onbehandelde planten direct na de transportfase al veel bloemval hadden. Bij Lantana heeft het middel juist een negatief effect. Middel B heeft een licht positief effect bij Abutilon en Lantana in de transportfase. Dit effect wordt echter tijdens de verkoopsimulatie weer teniet gedaan. |