KNAW

Research

The dynamics of (delinquent) peers and delinquent behavior in adolescence

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title The dynamics of (delinquent) peers and delinquent behavior in adolescence
Period 10 / 2005 - 10 / 2009
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1332012
Data Supplier NSCR

Abstract

This project focuses on the influence of peers in explaining changes in delinquent behavior through adolescence. The relationship between delinquent peers and one s own delinquent behavior has long been recognized. Although this relationship has been supported in several studies (Patterson & Dishion, 1985; Elliot & Menard, 1996; Cairns & Cairns, 1994; Dishion, 1996; Matsueda & Anderson, 1998; Warr, 2002; Weerman, 2004), the meaning and interpretation is still much debated. Many researchers have suggested that delinquent peer associations foster delinquent behavior. Moreover, it is argued that peers are a potential key to understand the etiology of delinquent behavior (Sutherland, 147; Akers, 1973; Warr, 2002). Rather than placing peers at the core of causal explanations, Gottfredson and Hirschi (1991) for example join Glueck and Glueck (1950) in suggesting the relationship can be explained by a process of social selection. Longitudinal self-report data is used in this study to analyze the changes in time spent with peers and delinquency during adolescence. Respondents are questioned among other things about delinquent behavior and time spent with peers. Furthermore, self-reports of parents and best friend will be used. Four measurements a year enable us to represent the changes over time more accurately. This research project addresses several questions: What is the relative influence of peers in explaining gender differences in delinquent behavior in (early) adolescence? How is parental control related to the association with (delinquent) peers and delinquent behavior of adolescents? Are changes in time spent with peers related to changes in delinquent behavior? To what extent are there changes in the part peers play in co-offending?

Abstract (NL)

Dit onderzoek is erop gericht om meer duidelijkheid te verkrijgen over de betekenis van leeftijdsgenoten voor veranderingen in delinquentie van jongens en meisjes tijdens (het begin van) de adolescentie. De relatie tussen delinquent gedrag van leeftijdsgenoten en eigen delinquent gedrag van jongeren is een van de bekendste gegevens uit de criminologie. Er is echter nog veel discussie over de betekenis en interpretatie van deze relatie. Volgens sommige onderzoekers is de omgang met leeftijdsgenoten van cruciaal belang om de toename en veranderingen in delinquent gedrag tijdens de adolescentie te verklaren (Moffitt, 1993; Warr, 2002; Osgood e.a., 1996). Volgens anderen daarentegen is de rol van leeftijdsgenoten gering en zijn andere invloeden, met name die van de ouders, belangrijker (zie bv. Hirschi, 1969; Gotfredson & Hirschi, 1990; Loeber, 2001). Om veranderingen in de tijdsbesteding met leeftijdsgenoten en delinquent gedrag gedurende de adolescentie zo goed mogelijk in kaart te brengen wordt er gebruik gemaakt van een longitudinale zelfrapportage studie. Respondenten worden onder andere gevraagd naar delinquent gedrag en tijdsbesteding met leeftijdsgenoten. Tevens zal er gebruik worden gemaakt van de rapportage van de ouders en beste vriend. Doordat er vier metingen per jaar zijn, is deze dataset zeer geschikt om veranderingen nauwkeurig over de tijd weer te geven. De volgende vragen zullen centraal staan in het onderzoek: Wat is het relatieve belang van leeftijdsgenoten voor het verklaren van delinquent gedrag in de (vroege) adolescentie en verschilt dit voor jongens en meisjes? Op welke manieren zijn ouderlijke controle en omgang met (delinquente) leeftijdsgenoten aan elkaar gerelateerd en aan delinquent gedrag van adolescenten? Op welke manier zijn veranderingen in doorgebrachte tijd met leeftijdsgenoten in de adolescentie gerelateerd aan veranderingen in delinquent gedrag? Hoe verandert de rol van leeftijdsgenoten als mededader tijdens de adolescentie?

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. G.J.N. Bruinsma
Co-supervisor Dr. F.M. Weerman
Doctoral/PhD student Drs. C.I.M. Megens

Related research (upper level)

Classification

A83000 Legal order
D41300 Criminal (procedural) law and criminology

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation