KNAW

Research

PLONS: Biodiversity in Dutch Drainage Ditches

Pagina-navigatie:


Update content


Title PLONS: Biodiversity in Dutch Drainage Ditches
Period 01 / 2007 - 08 / 2012
Status Completed
URL http://www.plons.wur.nl/
Research number OND1332779

Abstract

Description:
Drainage ditches are main aquatic structures in Dutch arable land which have been largely ignored studies of ecology, biodiversity and conservation and corresponding policy. However, because of their significance, expressed in total length of ditches, they could be major landscape-scale carriers and determinants of aquatic biodiversity.

The question is how and why do macrophytes control the distribution, structure and dynamics of macroinvertebrate communities found in ditch ecosystems?

Research objectives:
The objectives are:

1. to establish the key factors that decide the biodiversity in Dutch drainage ditches
2. to describe and explain the effects of water quality (in terms of nutrients, oxygen and temperature) on the functional biodiversity of macroinvertebrates
3. to indicate measures to optimise ditch biodiversity.

Results and products:
In 2007 an extensive literature survey was conducted. This provided the theoretical basis for further experimental hypothesis testing. Based on a full factorial field experiment (2007 and 2008) using artificial substrates it can be concluded that microhabitat characteristics (plant structure surface area and structural complexity) influenced the numbers of crawling detriti-herbivore and crawling predatory macroinvertebrates and thereby likely influence the rate and magnitude of ecosystem processes. Total abundance and taxon richness was not determined by microhabitat but on ditch scale, which indicated that local environmental conditions, e.g. dissolved oxygen level, or even processes on landscape scale (dispersal from other water bodies) determine ditch biodiversity Based on these results we are going to study the relationships between:

- macroinvertebrate community composition and/or dynamics and ditch ecosystem functioning
- ditch biodiversity on landscape scale: where are the hotspots of biodiversity and why?

Abstract (NL)

Doel:
PLONS staat voor Langjarig Onderzoek Nederlandse Sloten. Dit onderzoeksproject, dat loopt van 2007 tot 2011, is gericht op het vergroten van het inzicht in de fundamentele processen en mechanismen die een rol spelen bij het ecologisch functioneren van sloten. Het project zal handreikingen opleveren voor een beter uitgebalanceerd beheer van slootecosystemen.
Zie voor meer informatie de website: www.plons.wur.nl

Werkwijze:
Het project bestaat uit 3 onderzoeken: Het eerste onderzoek dat uitgevoerd wordt door Annelies Veraart richt zich op de nutriëntenhuishouding en het zelfreinigend vermogen van slootsystemen. Het tweede onderzoek dat uitgevoerd wordt door Jeroen van Zuidamricht zich op de manier waarop het onderhoud de ecologische kwaliteiten van sloten kan verhogen. Het derde onderzoek dat uitgevoerd wordt door RalfVerdonschotricht zich op de biodiversiteit van sloten. Het onderzoeksdrieluik is mogelijk gemaakt door de bijdragen van de waterschappen en de STOWA. Deze onderzoeken worden uitgevoerd door de leerstoelgroep Aquatische Ecologie en Waterkwaliteitsbeheer en Alterra(WUR).

Resultaten:
Literatuur

In 2007 is een uitgebreide literatuurstudie verricht naar de kennis over de biodiversiteit van het slootecosysteem aan de hand van internationale literatuur en grijze Nederlandse kennis en ervaring. Hieruit komt naar voren dat waterplanten een centrale rol spelen bij het genereren van biodiversiteit in sloten. De achterliggende mechanismen, dus hoe de vegetatie de biodiversiteit van macrofauna in sloten stuurt, zijn echter grotendeels onbekend. Wel is duidelijk dat de vegetatiestructuur een centrale rol speelt: aangehechte algen en ingevangen organisch materiaal vormt het voedsel voor veel ongewervelden. Daarnaast vormt de ruimtelijke structuur een matrix waarin biotische interacties plaatsvinden: predator-prooi relaties en concurrentie tussen organismen.

Veldonderzoek
Op basis van bovengenoemde kennis zijn in 2007 en 2008 veldexperimenten opgezet en uitgevoerd waarin de rol van oppervlakte, complexiteit en heterogeniteit van ondergedoken waterplanten bij het genereren van biodiversiteit is onderzocht. De hypothese is dat één van deze drie componenten of combinaties ervan verantwoordelijk zijn voor de aanwezige biodiversiteit van macrofauna in sloten. In vier laagveensloten zijn telkens 32 kunstsubstraten geplaatst, die verschilden in complexiteit en heterogeniteit en waarbij ook de totale beschikbare oppervlakte gevarieerd werd. Voedselbeschikbaarheid op de structuren, in de vorm van algen en organisch materiaal, was zeer variabel en leek vooral gestuurd te worden door de locatie. Voor de macrofauna was met name de oppervlakte van de structuur belangrijk. Een toename van oppervlakte leidde tot een stijging van het aantal organismen en het aantal taxa, terwijl de complexiteit van de structuur geen verschil maakte; een simpele structuur en een complexe structuur met dezelfde oppervlakte bleken een vergelijkbaar aantal organismen te bevatten. Deze resultaten wijzen erop dat de aanwezigheid van voldoende ondergedoken waterplanten belangrijker is dan de plantensoort.

Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Related organisations

Related people

Related research (upper level)

Classification

A14000 Nature and landscape
D22400 Ecology

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation