KNAW

Research

Development of moderately preterm-born children

Pagina-navigatie:


Update content


Title Development of moderately preterm-born children
Period 01 / 2007 - 05 / 2013
Status Completed
Dissertation Yes
Research number OND1333347
Data Supplier Website BCN

Abstract

In this research project we are interested in the growth and development of preterm infants. The protocol is divided in three parts. 1.Growth of preterm infants 2.Development of preterm infants 3.The Van Wiechen Developmental instrument. 1. Main objectives on the study of growth of LRPIs and HRPIs To determine growth and growth velocity of LRPIs from birth till 5 years of age. To determine timing, duration and amount of catch-up growth for LRPIs and HRPIs To make guidelines (using Z scores) for postnatal growth for LRPIs and HRPIs in the Netherlands. 2. Main Objectives of thestudy on development in LRPI To determine the prevalence of abnormal neurodevelopmental and motor outcome in LRPIs at the age of 5 years and 6.9 years To determine perinatal and early postnatal risk factors that influence neurodevelopmental and motor outcome in LRPIs. 3. Main objectives of thestudy on the Van Wiechen developmental instrument To determine the P90 age for developmental items of the Van Wiechen test for HRPIs and LRPIs. To examine if (part of) the Van Wiechen instrument is correlated with developmental outcome in LRPIs, and can be used as early indicator for neurological and developmental problems later on.

Abstract (NL)

Kinderen die 4 tot 8 weken te vroeg worden geboren, hebben meer kans op ontwikkelingsproblemen dan eerder werd gedacht. Dit blijkt uit de Pinkeltje-studie die UMCG-kinderarts en neonatoloog Jorien Kerstjens heeft opgezet. Kerstjens pleit voor meer bewustwording van het risico op ontwikkelingsproblemen bij matig te vroeg geborenen omdat juist in deze laatste fase van de zwangerschap nog zo n 35% van de hersenontwikkeling plaatsvindt. Kerstjens vergeleek de ontwikkeling van matig te vroeg geboren kinderen met die van op tijd geboren kinderen en ernstig-vroeggeborenen (minder dan 32 weken zwangerschap). Op vierjarige leeftijd vond zij bij 8,3% van de matig te vroeg geboren kinderen ontwikkelingsproblemen, twee keer zoveel als bij op-tijd geboren kinderen. Bij ernstig-vroeggeborenen kwam dit voor bij 14,9% van de kinderen. Op zevenjarige leeftijd scoorden de matig te vroeg geboren kinderen in vergelijking met op-tijd geborenen minder goed qua IQ, ontwikkeling van visueel-ruimtelijke vaardigheden zoals puzzels leggen, aandacht, en selectief kunnen focussen op wat belangrijk is.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. A.F. Bos
Supervisor Prof.dr. S.A. Reijneveld
Project leader Dr. A.F. de Winter
Doctoral/PhD student Dr. J.M. Kerstjens

Classification

A73200 Second-line health care
D23220 Internal medicine
D23361 Neonatology

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation