KNAW

Onderzoek

Historisch onderzoek museumeducatie

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Historisch onderzoek museumeducatie
Looptijd 10 / 2007 - 01 / 2010
Status Afgesloten
Onderzoeknummer OND1336439
Leverancier gegevens Cultuurnetwerk Nederland

Samenvatting

Museumeducatie en ?educatoren waren en zijn regelmatig het brandpunt van discussie. Soms zijn zij degenen die de Nederlandse musea moeten redden van de ondergang, soms zijn zij degenen die de musea juist ten ondergang zouden brengen. Over de kerntaken van een museum blijven betrokkenen het namelijk oneens. Uiteraard is de collectie van het grootste belang, die moet worden onderzocht en bewaard voor de volgende generaties. En daar wringt de schoen: de collectie wordt bewaard voor een publiek. Welk publiek? En hoe zorgen musea dat het publiek kennis neemt van die collectie? In Nederland is de afgelopen decennia regelmatig onderzoek gedaan naar de manier waarop musea die delen van de samenleving benaderen die zij als hun publiek beschouwen. Speciale aandacht in die onderzoeken was er voor het werk van educatieve afdelingen en voor hun positie binnen de museale organisatie. Gebleken is dat dergelijke afdelingen en/of functies inmiddels niet meer weg te denken zijn uit de museumwereld. De vraag blijft echter, met het oog op de voortdurende discussie over de maatschappelijke taak van musea, in hoeverre de toegankelijkheid van musea in de loop der jaren geprofessionaliseerd is. Educatieve museummedewerkers uit de jaren 1950, 1960 en latere jaren kunnen licht over deze kwestie laten schijnen. Zij hebben de ontwikkelingen in publieksbegeleiding over een langere tijd van dichtbij meegemaakt en dikwijls ook zelf in gang gezet. In hoeverre is er op dat gebied sprake geweest van professionele opbouw en uitbreiding? In hoeverre en waarom is er sprake van problemen en discussies die telkens weer terugkeren? Het is deze menselijke kant van de zaak die in dit onderzoek nader wordt bekeken. De belangrijkste vragen daarbij zijn: Hoe verliep de professionalisering van het educatieve museumwerk sinds de systematische oprichting van educatieve afdelingen in Nederlandse musea vanaf de jaren 1950? Hoe is die professionalisering van binnenuit ervaren? In hoeverre is er voortgebouwd op het werk van de eerste educatieve diensten? Het onderzoek bestaat uit dubbelinterviews met personen die kennis hebben over museumeducatie in het recente of minder recente verleden en mensen die op dit moment nog werkzaam zijn in de sector; met twee vertegenwoordigers van hetzelfde type museum maar met verschillende ideeën en achtergrond, of met twee personen die educatief werk hebben gedaan, maar wier carrièreverloop heel verschillend is geweest. Binnen verschillende thema?s wordt een aantal problemen rond de professionalisering van educatief museumwerk aan de ervaringen van de betrokkenen getoetst. Deze kwesties zijn af te leiden uit bestaande wetenschappelijke literatuur. Ze leveren een theoretisch kader waarbinnen specifieke instellingen, personen, gebeurtenissen of evenementen en tentoonstellingen of projecten kunnen worden besproken, eventueel in vergelijking met hedendaagse tegenhangers.

Samenvatting (EN)

Museum education and museum educators continue to be the subject of ongoing debate. On the one hand they are expected to keep Dutch museums alive; on the other, it is thought that they may in fact be hastening their extinction. The basic problem is that the parties involved in the debate are unable to agree on what constitutes the core mission of a museum. Obviously, the collection takes first priority; it should be researched and conserved for future generations. And there?s the rub: the collection is being conserved for an audience. The question is what kind of audience exactly? And how do museums make sure that this audience becomes aware of the collection? In the Netherlands various studies have been carried out in recent decades on the way in which museums communicate with the sections of society that they see as their audience. These studies have paid particular attention to education departments and their position within the overall museum organisation. It emerged that educational services and staff have become an essential part of the museum world. However, given the ongoing debate on the public remit of museums, the question remains as to how far accessibility to museums has become professionalised over the years. Educational museum staff from the 1950s, 1960s and later decades can help to answer this question, as they witnessed the developments in audience guidance from close quarters over a long period of time and may even have been instrumental in getting them these started. How much professional development and expansion took place in this domain? Why and to what extent do problems and discussions recur time and again? This study takes a closer look at the human aspects of this issue. The crucial questions are: How has the educational work of museums been professionalised since the systematic establishment of educational services in Dutch museums in the 1950s? How was this process experienced on the inside? To what extent have museums continued to build on the work of the first educational services? The study consists of interviews with pairs of people who can share their knowledge of museum education in the recent and distant past and people who are currently employed in the sector; either two representatives from the same type of museum but with different ideas and backgrounds, or two people who have done educational work, but with totally different career paths. Various problems connected with the professionalisation of museum education will be drawn from the current academic literature. They will be categorised thematically and tested against the experience of the interviewees. This will provide a theoretical framework for discussing specific institutions, people, events and exhibitions or projects, possibly in comparison with present-day counterparts.

Betrokken organisaties

Overige betrokken organisaties

Erfgoed Nederland
Nederlandse Museumvereniging

Betrokken personen

Onderzoeker Drs. C.J.E. Laarakker
Projectleider M. de Vreede

Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie