KNAW

Research

Enlightenment Contested: Dutch Satire in the Periodical Press (1780-1800)

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title Enlightenment Contested: Dutch Satire in the Periodical Press (1780-1800)
Period 06 / 2009 - 05 / 2013
Status Current
Dissertation Yes
Research number OND1342214
Data Supplier Website Huizinga Instituut

Abstract (NL)

De periode tussen 1780 en 1800 was bijzonder turbulent voor Nederland. Er vonden grote politieke veranderingen plaats, waaronder de installatie van het eerste democratisch gekozen parlement, en de invoering van de eerste nationale constitutie. Het mag duidelijk zijn dat zulke ingrijpende veranderingen niet onopgemerkt voorbij gingen. In de jaren 1780 was een zeer levendig publiek debat ontstaan. Binnen dit debat speelden tijdschriften een centrale rol. Zowel de patriotten als hun tegenstanders, de orangisten, bedienden zich van dit medium, en gebruikten het om elkaar verbaal (fel) te bestrijden. In de stortvloed aan tijdschriften is een opvallende rol weggelegd voor twee typen media, die beide het woord lantaarn in hun titel dragen. In de jaren 80 verschijnt een aantal kortlopende tijdschriften dat zich presenteert als toverlantaarn , en waarin patriotten en orangisten elkaar over en weer zwartmaken. Tussen 1792 en 1801 verschijnt vijfmaal de almanak De Lantaarn, van de hand van de zelfverklaarde excentriekeling Pieter van Woensel, die de actuele politiek scherp en kritisch ondervraagt, en ongezouten commentaar levert op de handel en wandel van zijn landgenoten. Het zijn deze (satirische) tijdschriften die in mijn onderzoek centraal staan. Mijn onderzoek, dat onderdeel uitmaakt van het NWO-project The power of satire, cultural boundaries contested, gaat over de culturele impact van de satire die in bovengenoemde tijdschriften bedreven wordt. Ik wil die impact onderzoeken door te kijken welke metaforische en beeldende tradities de tijdschriften (creatief) hergebruiken, en uit te vinden hoe zij zelf als inspiratiebron hebben gediend voor latere satirische bladen. Een belangrijke aanname daarbij is dat satire rond 1800 in Nederland fungeerde als een instrument om Verlichte ideeën over de inrichting van de staat, de plaats van de kerk en de rol van de burger (kritisch) te bevragen. Door een analyse van terugkerende metaforen en (beeld)motieven hoop ik uit te vinden hoe die kritische bevraging gestalte kreeg, en hoe deze past binnen meer algemene culturele en mediale kaders.

Related organisations

Related people

Supervisor Prof.dr. F. Grijzenhout
Project leader Dr. M.E. Meijer Drees
Doctoral/PhD student I.B. Nieuwenhuis (MA)

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation