KNAW

Research

Suitable root stocks for biologically grown tomato, cucumber and sweet peppers

Pagina-navigatie:


Update Research data


Title Suitable root stocks for biologically grown tomato, cucumber and sweet peppers
Period 2010 - 12 / 2011
Status Completed
Research number OND1343659

Abstract

Description:
In biologically grown tomatoes, sweet peppers and cucumbers many plants are lost because of nematodes (Meloidogyne spp.). Treating the soil and crop rotation are inadequate as yet in bringing down the nematode population to a level which is not harmful to these fruit vegetables. The current range of varieties of the vegetables is mostly susceptible to nematodes. Some root stocks are less susceptible to nematodes. However, sometimes they become more susceptible to nematodes at high temperatures, have an increase in the nematode population or/and difficulties at the spot where rootstock and graft connect. Therefore biological growers urgently need a suitable rootstock to increase the growing vigour of the crop and to combat plant loss during cultivation.

Research objectives:
To find a rootstock with a complete resistance to Meloidogyne spp at one or more of the most important fruit vegetables. The rootstock has to combine this with a high yield and quality.

Results and products:

. Knowledge about rootstocks of tomatoes, cucumbers and sweet peppers regarding the susceptibility for Meloidogyne spp. and the influence of the rootstock on the nematode population.
. One or more rootstocks for biological fruit vegetables with resistance to Meloidogyne spp. This will result in healthy crops with high yields and will reduce the risks of biologically growing considerably.

Abstract (NL)

Doel
Selecteren van onderstammen van vruchtgroenten die volledig resistent of weinig vatbaar zijn tegen Meloidogyne spp. en voldoende product van een goede kwaliteit geven.

Werkwijze
Activiteiten en betrokkenheid sector
Telers zullen worden betrokken bij uitvoering en becommentariëring vanhet onderzoek. Bij de praktijkproeven is hun medewerking essentieel.

. Inventarisatie onderstammen Informatie verzamelen via de literatuur en binnen/buitenlandse zaadbedrijven over onderstammen voor tomaat, komkommer en paprika met een mogelijke (partitiële) resistentie tegen Meloidogyne spp.
. Toetsen gevoeligheid voor Meloidogyne spp
Toetsen van onderstammen van tomaat, paprika en komkommer op resistentie tegen Meloidogyne spp. gedurende een circa 7 weken lange teeltproef met de planten in containers gevuld met zand. Containers inoculeren met een gelijke hoeveelheid van één of meer stammen van wortelkbobbelaaltjes uit de praktijk. Waarnemingen: wortelknobbelindex en hoeveelheid aaltjes in wortels (na verblijf in mistkamer).
. Nagaan verentbaarheid
Door een plantenkweker zullen planten op de meest veelbelovende onderstammen worden geënt om de verentbaarheid van de verschillende onderstammen vast te stellen.
. Proeven met geënte planten op de nieuwe onderstammen onder praktijkomstandigheden
Geënte planten van tomaat, komkommer en paprika (opgekweekt door een plantenkweker) zullen bij één of meer telers worden geplaatst en worden onderzocht op gebruikswaarde (teelbaarheid, gewasontwikkeling, productie en kwaliteit).
Terugkoppeling van resultaten
Regelmatig publicatie van resultaten in Biokennis, vakpers en presentatie voor biologische telers of indien gewenst voor andere belanghebbenden.

Plan voor 2010
Nagaan wat de gebruikswaarde is van de meestbelovende onderstammen uit recent onderzoek naar resistentie tegen verschillende wortelknobbelaaltjes bij Wageningen UR Glastuinbouw. De toetsing zal plaats vinden op een aantal biologische praktijkbedrijven met onderstammen van tomaat, paprika en hoogstwaarschijnlijk ook komkommer. Waarnemingen m.b.t. teelbaarheid, gewasontwikkeling, productie en kwaliteit.

Resultaten

. Kennis over de verschillende onderstammen van tomaat, komkommer en paprika wat betreft gevoeligheid voor Meloidogyne spp. en de invloed van de onderstam op de aaltjespopulatie.
. Eén of meer paprika, tomaat en komkommeronderstammen die weinig of niet gevoelig is/zijn voor Meloidogyne spp. en waarmee de aaltjespopulatie in de bodem niet of nauwelijks toeneemt. Dit moet resulteren in gezonde vruchtgroentegewassen met een goede productie en kwaliteit waardoor de risico s die kleven aan een biologische teelt van vruchtgroenten sterk worden verkleind.

Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Related organisations

Related people

Project leader Ing. J. Janse

Related research (upper level)

Program BO-12.10-007.04

Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation