KNAW

Onderzoek

Ondernemerschap en duurzaamheid

Pagina-navigatie:


Wijzig Onderzoekgegevens


Titel Ondernemerschap en duurzaamheid
Looptijd 01 / 2010 - onbekend
Status Lopend
Onderzoeknummer OND1343790

Samenvatting

Doel Het ministerie van EL&I streeft naar een verduurzaming van de landbouw. Uit onderzoek is echter gebleken dat veel ondernemers vooral het profit aspect van duurzaamheid benadrukken en veel minder aandacht hebben voor het people (sociaal welzijn van ondernemer en zijn medewerker, dierenwelzijn) en planet (milieu, natuur en landschap) aspect. De groep ondernemers die zelf een duurzaamheidsprong maakt, is dus beperkt van omvang. Om tot een serieuze beweging richting duurzame landbouw te komen, is het daarom van belang om een bredere groep ondernemers te bereiken. Het doel van het project is daarom om samen met ondernemers te werken aan de implementatie van aspecten va duurzame landbouw op het eigen bedrijf.

Werkwijze
In 2009 is een onderzoekstraject gestart om met twee groepen ondernemers te gaan werken aan de implementatie van duurzame landbouw op het eigen bedrijf. De ene groep betreft een aantal varkenshouders die nog moet omschakelen naar groepshuisvesting voor dragende zeugen; de andere groep betreft een aantal glastuinbouwondernemers (rozenkwekers en tomatentelers) die streeft naar emissiereductie van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen omdat de glastuinbouw in 2027 emissievrij moet zijn. De groepen zijn in overleg met de opdrachtgever gekozen. De betrokken varkenshouders en glastuinbouwondernemers zijn geïnterviewd met behulp van een op de Theory of Planned Behaviour gebaseerde vragenlijst. Deze theorie geeft inzicht in de knelpunten die ondernemers ervaren bij het omschakelen naar in dit geval groepshuisvesting voor dragende zeugen en het toepassen van emissiereducerende maatregelen, maar ook in de achterliggende redenen daarvan.

Bij de zeugenhouders die geïnterviewd zijn is naar voren gekomen dat ze nog zo lang mogelijk wachten met omschakelen omdat de gebouwen nog niet afgeschreven zijn, omdat ze alleen financiering van de bank krijgen als ze 2x zo groot worden wat ze eigenlijk niet willen, of omdat ze ervan overtuigd zijn dat groepshuisvesting niet goed is voor hun zeugen wat betreft diergezondheid, dierenwelzijn, controle over de dieren en dergelijke. Bij de glastuinbouwondernemers is naar voren gekomen dat er behoefte is aan kennis over voedingsfysiologie en geavanceerde technologie om gewassen nog nauwkeuriger te kunnen voeden en beschermen zodat de emissie verder gereduceerd wordt. Verder viel op dat partijen ( erfbetreders ) als dierenartsen, voerleveranciers of teeltadviseurs veel invloed op de ondernemers hebben hoewel de ondernemers zelf zeggen van niet.

De Theory of planned behaviour (TPB) (ajzen, 1991) is interessant voor dit project omdat vrij precies te achterhalen is waarom een ondernemer een bepaald gedrag wel of niet uitvoert. Dit levert indicaties op voor mogelijke interventies die er op gericht zijn de ervaren knelpunten te reduceren of weg te nemen. In het project zou onderzocht worden in hoeverre de op de knelpunten gebaseerde interventies ook daadwerkelijk het beoogde effect hebben (namelijk het wegnemen van ongerustheid en dus het verlagen van de drempel om alsnog het gewenste gedrag te vertonen). De bedoeling van het project was ook om naar aanleiding van de knelpunten die naar voren gekomen zijn participatieve trajecten met ondernemers op te zetten om samen met hen aan duurzaamheid op het eigen bedrijf te werken. Door het beperkte animo van ondernemers om hieraan mee te werken, is dit echter niet gelukt. Daarom wordt nu geprobeerd aan te sluiten bij lopende initiatieven van groepen ondernemers (bij voorkeur van het NAJK). Hierbij zal op basis van TPB achterhaald worden waar eventuele knelpunten zitten en welke interventies mogelijk zijn om deze knelpunten op te lossen/ te reduceren. Zo mogelijk worden de beoogde interventies ook uitgevoerd waarna het effect gemeten wordt.

Een andere activiteit binnen het project betreft de duurzaamheidsscan. Het gebruik en de bruikbaarheid van de duurzaamheidsscan van het LEI en eventuele andere scans worden nader onderzocht. Daarvoor worden een aantal gesprekken gevoerd met partijen die scanachtige activiteiten ondernemen. Gevraagd wordt hoe de scanachtige activiteiten in zijn werk gaan en wat ondernemers motiveert deze activiteiten uit te voeren. Aan het eind van het jaar zal nog een workshop met adviseurs georganiseerd worden over de scanachtige activiteiten. Mogelijk kan dit worden gekoppeld aan een bijeenkomst van MVO-Nederland.

Resultaten
Het onderzoek is vooral bedoeld als leertraject. Het is niet te verwachten dat de participerende ondernemers in de relatief kort lopende trajecten al grote stappen op het gebied van duurzaamheid hebben gezet. Eerder gaat het om bewustwording over de wijze waarop de participerende ondernemers kunnen bijdragen aan duurzaamheid op een economisch rendabele manier.

Het proces dat ondernemers hebben doorgemaakt is één van de resultaten van het project. Daarnaast zal inzicht worden verkregen in de toepasbaarheid van de op de Theory of Planned Behaviour gebaseerde vragenlijst en in de bruikbaarheid/ toepasbaarheid van diverse duurzaamheidsscans.

Andere meer concrete producten zijn artikelen in vakbladen en berichtgeving op verschillende websites die voor ondernemers toegankelijk zijn. Daarnaast dient kennisverspreiding plaats te vinden via het NAJK. Een zo kort en bondig mogelijk onderzoeksrapport behoort ook tot de eindproducte

Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Samenvatting (EN)

Description:
Social developments increasingly emphasize on sustainability. Agricultural entrepreneurs ask themselves how they can apply sustainability on their farms in a profitable way. Research has shown that they tend to emphasize on the Profit aspects of sustainability and that they have much less attention for the People and Planet aspects. The number of agricultural entrepreneurs making a real transition towards sustainability, taking into account profit as well as people and planet aspects is restricted. This does not mean that agricultural entrepreneurs are not interested in the people and/ or planet aspects of sustainability. They just do not know how to apply it. Therefore, a project was started in 2009 with pig farmers who still have to convert to group housing for their pregnant sows (this will be made compulsory in 2013) and with greenhouse horticulturists who have to take measures to reduce emission of pesticides and nutrients because greenhouse horticulture has to be free of emission in 2027. Interviews are carried out with pig farmers and greenhouse horticulturists with a questionnaire which is based on the Theory of Planned Behaviour. The interviews give insight in the obstacles experienced by entrepreneurs in the process of converting and give leads for participatory projects with farmers. These will be organized in the last months of 2009 and the first months of 2010.

Research objectives:
The aim of the participatory projects is that agricultural entrepreneurs become aware that converting to group housing for pregnant sows or taking measures to reduce the emission of plant protection materials and nutrients is not so complicated as they think. It can not be expected that the agricultural entrepreneurs participating in this project will make very big steps in the direction of sustainability during the projects because these relatively are short (4 6 months).

Results and products:
Other results of the projects are publications on websites and in journals which are accessible for agricultural entrepreneurs. Results will be spread as well through the Dutch organization for young agricultural entrepreneurs. A research report also is one of the products.

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Onderzoeker Ing. A.M. Bikker (MSc)
Onderzoeker Ir. E. ten Pierick
Onderzoeker Ir. H.B. Schoorlemmer
Onderzoeker Ir. T. Vermeulen
Projectleider Dr.ir. C.C. de Lauwere

Bovenliggende onderzoeksactiviteit(en)


Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie