Doelstelling
Het gebruik van de Noordzee en kustwateren neemt toe. Naast traditionele gebruiksvormen zoals visserij en scheepsvaart komen moderne vormen zoals windmolenparken en nieuwe vormen van recreatie. Hierdoor neemt de druk op ecosystemen toe. Om deze cumulatieve effecten in te schatten is een integrale visie op de ecologische risico s van al deze gebruiksvormen noodzakelijk. Momenteel worden mn kwalitatieve instrumenten zoals expert opinion ingezet om de cumulatieve effecten in te schatten. Naast expert opinion worden andere meer kwantitatieve instrumenten ontwikkeld die expertkennis combineren met de intensiteit van druk factoren waarbij de uiteindelijke effecten een functie zijn van de gecombineerde drukfactoren (CEA-cumulative Effect Assessment: Karman et al, 2008). Deze methode heeft als voordeel dat zij naast semi kwantitatieve resultaten ook een ruimtelijk beeld geeft van cumulatieve effecten. In aanvulling op de hierboven genoemde methoden om cumulatieve effecten in te schatten heeft dit project tot doel op een kwantitatieve wijze effecten van verschillende factoren op de populatiedynamiek van bepaalde soorten door te rekenen. In de voor de Natura 2000 gebieden geldende regelgeving (Bird and Habitat directives (BD en HD)) moet het effect van factoren worden geƫvalueerd op populatie niveau (favorable conservation status).
Van de vier zoogdier soorten van de HD die voor het Nederlandse marine systeem van belang zijn wordt in dit project gekozen voor de bruinvis om de effecten van verschillende stress factoren op de populatiedynamica te berekenen. De bruinvis wordt sterk bedreigd door visserij (mn door bycatch in staande netten), is gevoelig voor verontreiniging (m.n organische verbindingen) en lijkt gevoelig te zijn voor verstoring (geluid).
De bruinvis is een van de kleinste walvisachtigen waar relatief veel (internationaal) onderzoek aan verricht is. Echter de overleving in de verschillende levenstadia is onbekend.
Als eerste stap zal op basis van bestaande kennis over reproductie, longevity en gegevens over strandingen een populatiemodel worden ontwikkeld voor de bruinvis waarmee de ontbrekende gegevens over overleving kunnen worden ingeschat (gebaseerd op methode Klok et al. 2009, Animal Biology).
In een vervolg hierop zal het model worden gekoppeld met modules die de effecten van visserij, geluid en toxische stoffen op de reproductie en overleving beschrijven, waarmee het cumulatieve effect op de populatiedynamiek kan worden berekend.
Werkwijze Data verzameling: in samenwerking met de universiteit van Leiden en andere partijen zullen strandinggegevens van de bruinvis langs de Nederlandse kust worden verzameld over de periode 1920 tot 2009. Deze data zal met statistische modellen worden geanalyseerd om te achterhalen of er veranderingen zijn opgetreden in leeftijd en grootte over de tijd. De met deze data te achterhalen leeftijdsopbouw van gestrande dieren zullen met populatiemodellen worden geanalyseerd om de leeftijdsafhankelijke sterfte van de soort in de Nederlandse wateren te achterhalen.
Beoogd resultaat
- Voor marine zoogdieren is een model raamwerk ontwikkeld om de populatievitaliteit te evalueren op basis van incomplete life-history gegevens.
Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link> |