KNAW

Onderzoek

Systeemanalyse geitenhouderij

Pagina-navigatie:


Wijzig gegevens


Titel Systeemanalyse geitenhouderij
Looptijd 01 / 2011 - 12 / 2011
Status Afgesloten
Onderzoeknummer OND1345740

Samenvatting

Probleemstelling
De geitenhouderij heeft afgelopen decennia een snelle ontwikkeling doorgemaakt. De concurrentie binnen en buiten Nederland resulteert erin dat ondernemers zich gedwongen voelen tot schaalvergroting. Deze schaalvergroting gaat gepaard met allerlei risico s, die intensivering met zich meebrengt, zoals volksgezondheid, diergezondheid, welzijn van de dieren en milieu.
De burgers zien de geit als een aaibaar dier. De Q-koorts heeft de maatschappelijke belangstelling voor de geitenhouderij op de agenda gezet. De maatschappelijke onrust is groot. Er zijn burgers en zelfs boeren die dicht bij een veehouderijbedrijf wonen, die vanwege de zorgen over de eigen gezondheid besluiten te verhuizen. Verschillende onderzoeken richten zich de risico s van bestaande en nieuwe dierziekten die op de mens kunnen overslaan (zoönosen).

Doelgroep en kennisbehoefte
Voor integrale verduurzaming is gecoördineerd handelen van zeer verschillende partijen noodzakelijk, zowel binnen de sector zelf, als door verschillende beleidsniveaus en maatschappelijke omgeving. De voorgestelde systeemanalyse is niet slechts een desk-studie door onderzoekers, maar wordt vormgegeven als een leerproces, waarin die verschillende partijen ook actief worden betrokken. Op die manier kan het resultaat van de systeemanalyse maximaal agenderend zijn voor betrokken partijen. In ieder geval zijn de verschillende partijen in de primaire geitenhouderij (geitenhouders, belangenorganisaties), de keten daaromheen (adviseurs, verwerking en toeleveranciers), lokale en provinciale stakeholders (waaronder de provincies met concentraties van geitenhouderij, zoals Brabant en Limburg), maatschappelijke organisaties (zoals de Dierenbescherming), en zo mogelijk ook ketenpartijen over de grens doelgroep van dit project

Doelstelling project
De doelstelling van dit project betreft het middels een systeemanalyse in kaart brengen van de systeemfouten in de geitenhouderij, die ten grondslag liggen aan de diverse problemen en risico's rondom dier- en mensgezondheid en -in bredere zin- duurzaamheid in de geitenhouderij, en het formuleren van aangrijpingspunten voor oplossingsrichtingen. Daarnaast worden belangrijke blokkades voor verandering (institutioneel, cultureel, sociaal, economisch) en de veranderingspotentie van de sector globaal in beeld gebracht.

Relevantie project voor EL&I:
In de Toekomstvisie duurzame veehouderij (januari 2008) heeft het toenmalige ministerie van LNV als doelstelling geformuleerd dat over 15 jaar de veehouderij zich dient te hebben getransformeerd tot een economisch concurrerende sector die produceert met respect voor dier, mens en milieu en draagvlak heeft in de Nederlandse samenleving (100% integraal duurzame veehouderij). Onder het huidige kabinet heeft EL&I deze beleidsdoelstelling overgenomen. Voor een integrale verduurzaming van de veehouderij is een complex veranderingsproces nodig. Naast technologische innovaties wordt dit veranderingsproces gekenmerkt door het leggen van nieuwe verbindingen tussen de partijen in de veehouderijketens door het vormen van nieuwe netwerken. Eén van de sporen om deze doelstelling te bereiken is het ontwikkelen en toepassen van systeeminnovaties en duurzaamheidssprongen in stal- en houderijsystemen. Als tussendoelstelling moet in 2011 5% van de stallen integraal duurzaam zijn uitgevoerd met een perspectief voor grootschalige toepassing in de jaren erna. In 2011 worden er tussendoelen voor 2015 vastgesteld. LNV vraagt in dit kader voor verschillende dierhouderijsectoren om herontwerp van het houderijsysteem als opmaat voor veranderingen in de sector die passen in duurzame ontwikkeling richting 2023. In dit project wordt rond deze vraag de eerste stap gezet voor de geitenhouderij. De resultaten van dit project moeten uitwijzen of een herontwerptraject, zoals uitgevoerd voor vele andere diersectoren, ook zinvol is in dit geval, en zo ja, welke belangrijke ontwikkelrichtingen daarbij denkbaar zijn.

Aanpak en tijdspad
De hoofdlijnen voor RIO projecten in het algemeen zijn als volgt:
Fase 1. Reduceren van complexiteit, verwerven van systeemkennis en strategische probleemdefinitie
Fase 2. Interactief herontwerpen
Fase 3. Bevorderen van het veranderingsproces (zie ook Communicatie project, en Fase 5).
Fase 4. Reflectie
Dit project betreft alleen Fase 1.
Het project staat onder aanzienlijke tijdsdruk, omdat er in voorjaar en zomer van 2011 belangrijke momenten zijn, waarop en waarvoor de resultaten van dit project dienstbaar kunnen zijn:
1 De publicatie van de vervolgrapportage van het PBL naar de volksgezondheidsrisico s van de geitenhouderij (mei 2011)
2 Rapportage van de commissie Van Doorn, die in opdracht van PS Noord-Brabant een advies uitbrengt over de toekomst van de veehouderij in deze provincie (zomer 2011).
Ten behoeve van de commissie Van Doorn ( Top commissie NB ) kan het project waardevolle input bieden, indien het project op tijd (dat wil zeggen voor de zomer van 2011) is afgerond. In de publieke en beleidsmatige discussie n.a.v. de rapportage van het PBL is een breder perspectief op de mogelijkheden van verduurzaming van de geitenhouderij wenselijk. Afronding van het project in mei 2011 zou wat dat betreft dus wenselijk zijn.

Activiteiten in het onderhavige project zijn:
1. Inventarisatie bestaande literatuur in en rond de geitenhouderij (jan 2011). Specifieke invalshoeken daarbij zijn:

Ontstaansgeschiedenis en ontstaansvoorwaarden
Economie (ketenbreed en bedrijfsspecifiek, inclusief internationale relaties)
Markt (nu en in de toekomst, ook in relatie tot veranderende demografie)
Machtsverhoudingen en institutionele organisatie
Dierenwelzijn (science based & society based)
Diergezondheid
Volksgezondheid (fijnstof, zoönosen, producteigenschappen)
Milieuprestaties (m.n. lokale en globale emissies, energiegebruik, landgebruik. Footprint t.o.v. andere dierlijke producten)
Landschappelijke eigenschappen
Natuur & biodiversiteit
Nota Bene: Gezien de politieke actualiteit zal Volksgezondheid prominente aandacht krijgen, zij het dat ook op dit thema gebruik moet worden gemaakt van bestaande rapportages en reeds beschikbare kennis.

2. Inventarisatie bestaande/lopende projecten in de geitenhouderij (jan 2011).
3. Inventarisatie stakeholders (sociale kaart) (jan 2011)
4. Eerste schets probleemruimte en oplossingsruimte, op basis van desk research, analyse en gesprekken met interne experts. Voorbereiding interviews (begin feb 2011). Dit levert op:

Overzicht belangrijke knelpunten, en hun samenhang Overzicht van beschikbare of mogelijke oplossingsrichtingen (inclusief laag hangend fruit )
5. Interviews met sleutelstakeholders (beperkt, maar mogelijk ook internationaal) (feb-mrt 2011). Te achterhalen informatie in ieder geval:

Probleemperceptie (wat zijn de problemen precies)
Opvatting en houding t.o.v. duurzaamheid & probleemperceptie anderen
Achtergrondtheorieën (wat verklaart de gepercipieerde problemen)
Voorkeursoplossingen (inclusief laag hangend fruit )
6. Systeemanalyse biologisch-fysisch-economisch op basis van bovenstaand materiaal, waar nodig aangevuld met expertgesprekken [resultaat: 1. belangrijke uitdagingen m.b.t. duurzaamheid geitenhouderij; 2. belangrijke verklaringen voor de dieperliggende oorzaken daarvan. Identificatie perverse koppelingen en andere systeemfouten; 3. Identificatie kennislacunes] (jan-mrt 2011)
Onderdeel van deze analyse vormt het oogsten van het laaghangend fruit (de oplossingen die al bekend zijn en die snel toegepast kunnen worden), en het beoordelen van die oplossingen in termen van hun passendheid bij de langere termijn duurzaamheidsdoelstellingen (blokkeren ze die al of niet?).
7. Systeemanalyse sociaal-institutioneel op basis van bovenstaand materiaal (mn interviews), waar nodig aangevuld met expertgesprekken [resultaat: belangrijke kansen en belemmeringen voor verandering in de sector, die voortkomen uit de sociaal-institutionele structuur (regime)] (feb-mrt 2011)
8. Reflectie en doordenking op 6 en 7 in collectieve systeemanalyse, op basis van position paper/stellingen uit 6 en 7 (apr 2011)
9. Het verwerken van de resultaten van 1-8 in een (in principe publieke) rapportage die tevens dient als beslisdocument voor opdrachtegevers voor eventueel vervolg. - Milestone 1: Rapportage en vooruitblik op mogelijk vervolg in 2012 (mei 2011)
10. Beslisbijeenkomst vervolg met opdrachtgevers (juni 2011)
Nota Bene:
De opdracht wordt uitgevoerd met regelmatige (zes- tot achtwekelijkse) afstemming met de verschillende opdrachtgevers;
Uitgebreide communicatie over het project is gezien het budget niet aan de orde.

Resultaten
6: Deelrapportage biofysische systeemanalyse
7: Deelrapportage socio-economische systeemanalyse
8: Verslag collectieve systeemanalyse
9: Rapportage en beslisdocument (waarin opgenomen de verschillende deelrapportages hierboven)
10. Verslag bijeenkomst met EL&I.

Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Betrokken organisaties

Betrokken personen

Onderzoeker Ir. A. Bremmer
Onderzoeker Ir. G.F.V. van der Peet
Onderzoeker Ir. H.J. Schuiling
Projectleider Dr. A.P. Bos

Bovenliggende onderzoeksactiviteit(en)


Omhoog
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie