KNAW

Research

Comparing (uncertainty in) the value of nature, in VOT and in VOSL

Pagina-navigatie:


Update content


Title Comparing (uncertainty in) the value of nature, in VOT and in VOSL
Period 01 / 2012 - 12 / 2013
Status Current
Research number OND1348161

Abstract

In the Netherlands, there is discussion about the monetary value of changes in nature estimated with stated preference methods. There is less discussion about the valuation of changes in road safety, flooding protection and travel time. Valuations of road safety or travel time are standard included in a cost-benefit analysis (CBA), although the estimation of those valuation are surrounded by uncertainty as well. The facts about the level of uncertainty of the different monetary valuation estimates have never been compared, which make it impossible to take into account in the policy debate.

The research objective is to understand the differences in uncertainty between the monetary value of changes in nature, travel time, road safety and flooding protection.

Within this project we answer the following questions:
1. According to the OEI guidelines, when is it possible to make use of monetary valuation estimates of changes in nature in CBAs?
2. Which conditions have to be fulfilled to make use of monetary valuation of changes in nature, similar to the valuation of time and road safety in CBA, so that the valuation of nature will be taken into account in a similar way in the decision making process of the national government?
3. Which welfare changes are taken into account in CBA by monetary valuation of changes in nature, travel time and safety, and what does it mean for the reliability and usefulness of the estimates?
4. Which conditions have to be fulfilled to make use of the monetary valuation of changes in nature, value of time and the value of safety in the decision making process of the local and regional governments?
We will write a report, and a paper for local/ regional policy makers.

Abstract (NL)

Probleemstelling
Een MKBA geeft het rendement van een investering voor de gehele maatschappij weer. De kracht van de MKBA is het inzichtelijk maken van alle voor- en nadelen van een investering, waar die ook terecht komen. Alle effecten die onze welvaart en ons welzijn beĆÆnvloeden, worden daarin meegenomen. De MKBA is dan ook goed verankerd in de economische theorie over welvaart. MKBA's worden vaak toegepast op investeringen waar publiek geld mee gemoeid is. In 2000 heeft het kabinet de leidraad voor het opstellen van een Overzicht Effecten Infrastructuur (OEI) vastgesteld (Eijgenraam et al., 2000). Deze leidraad beschrijft zowel de effecten van voorgenomen infrastructuurprojecten waarmee rekening gehouden moet worden als de methoden waarmee deze effecten kunnen worden bepaald beschreven. In deze leidraad staan kentallen voor veranderingen in reistijd en verkeersveiligheid. In 2004 is de leidraad voor kosten-baten analyses aangevuld met een nadere beschrijving hoe de effecten voor natuur kunnen worden meegenomen (V&W/CPB, 2004). In Nederland worden geregeld MKBA s opgesteld en de meeste hiervan zijn volgens de OEI leidraad uitgevoerd. Voor het ministerie van EL&I is de OEI-leidraad leidend voor het uitvoeren van MKBA s. Om de fysieke effecten van infrastructuur op natuur te bepalen kan gebruik gemaakt worden van de m.e.r. rapportage. Deze effecten moeten volgens de aanvulling op de OEI leidraad (V&W/CPB, 2004) worden vertaald in welvaartseffecten. In deze aanvulling is ook aangegeven hoe de betreffende welvaartseffecten kunnen worden gekwantificeerd en zo mogelijk gemonetariseerd.

Het stappenplan om effecten van infrastructuur op natuur kwantitatief op te kunnen nemen in de OEI, is als volgt (V&W/CPB, 2004):
(1) bepaling van de fysieke effecten van infrastructuur op het natuurlijk milieu,
(2) nagaan op welke voorwaardelijke ecosysteemfunctie het fysieke effect betrekking heeft; dit is een tussenstap,
(3) bepaling van de welvaartseffecten in termen van goederen en diensten die het natuurlijk milieu voortbrengt,
(4) kwantificering van de welvaartseffecten, en
(5) monetarisering van de welvaartseffecten (indien mogelijk).

Doelstelling project
In de literatuur zijn er veel studies over de waardering van natuur, veiligheid en reistijd, waarbij veel inschattingen zijn gemaakt voor de waardering. In het beleid worden regelmatig afwegingen gemaakt waarbij de baten van natuur veiligheid en reistijd een rol spelen. Echter er is niet of nauwelijks inzicht in hoeverre de inschattingen van de baten van natuur, veiligheid en reistijd in besluitvormingsprocessen tegen elkaar worden afgewogen. Baten van veiligheid en reistijd zijn in Nederland geaccepteerd, inschattingen van baten van natuur staan vaak ter discussie.

De vragen die centraal staan in dit onderzoek zijn:
4 Welke fundamentele verschillen bestaan er tussen de waardering van natuur, veiligheid en reistijd? Denk hierbij aan het het onderscheid gebruiks- en niet-gebruikswaarde bijvoorbeeld. En welke verschillen zijn er in de methodieken die gebruik worden in de verschillende waarderingsstudies?
5 Welke afweging is gemaakt om tot de keuze te komen om de baten van natuur wel te monetariseren, zoals bijvoorbeeld in Groot-Brittanniƫ gebeurd?
6 Welke informatie is beschikbaar in lokale besluitvormingsprocessen, welke informatie is gewenst en welke informatie wordt gebruikt?

Dit onderzoek beoogt inzicht te krijgen in de onzekerheden van de schattingen van de monetaire waarde van natuur, veiligheidsrisico s en reistijden. Dit inzicht wordt verkregen door de verschillen en overeenkomsten van de wijze waarop natuur, veiligheidsrisico s en reistijd worden ingeschat op systematische wijze in kaart te brengen en te vergelijken. Het resultaat stelt EL&I in staat om de discussie over economie en natuur (en de afwegingen ertussen) op een zakelijke en wetenschappelijk onderbouwde manier te voeren.

Daarnaast willen we, vanwege de toegenomen besluitvorming bij lagere overheden (a.g.v. decentralisatie), nagaan hoe op regionaal of lokaal niveau wordt omgegaan met de waardering van natuur, reistijd en veiligheidsrisico s. Hiertoe worden de theoretische bevinden getest en toegepast op lokale schaal.

Resultaten
Inzicht in de voor- en nadelen van schattingsmethoden van de monetaire waarde van natuur, veiligheidsrisico s en reistijden, en de mogelijkheid die het MKBA instrument biedt om deze verschillende waarden tegen elkaar af te wegen.
Publicaties bij dit project zijn beschikbaar via deze Link

Related organisations

Related people

Researcher Dr. V.G.M. Linderhof
Researcher Drs. J. Vader
Project leader Dr.ir. A.T. de Blaeij

Related research (upper level)


Go to page top
Go back to contents
Go back to site navigation